Typ hierboven uw zoekterm of scroll

© 2001-2015 Lycaeus Economisch Woordenboek - Alle rechten voorbehouden>

Vrij op naam (VON) : financiële zaken - De wettelijk te maken kosten zijn inbegrepen in de koopsom. Het betreft hier de BTW of overdrachtsbelasting, de kadastrale kosten en de notariskosten voor de transportakte.

vrij te aanvaarden : - Een huis is minder waard als het bewoond wordt dan wanneer het vrij te aanvaarden is. Dan kan de koper er immers direct zelf in gaan wonen. Vaak wordt 60% van die 'vrije verkoopwaarde' aangehouden als 'waarde in bewoonde staat'

vrij verkeer van personen : overheid, internationaal - de vrijheid van EG-onderdanen om zich in iedere EG-lidstaat te mogen vestigen.

vrije beroepsoefenaar : groei en conjunctuur, markten en prijzen - persoon die een zelfstandig beroep uitoefent. Bijv. fysiotherapeut of advocaat.

Vrije doorgang : - Een breedte van minimaal 85 cm

Vrije eigendom : - Onbezwaard en ongedeelde eigendom

vrije goederen : algemeen - Goederen die in onze behoeften kunnen voorzien en die niet schaars zijn (Schöndorff c.s.). bijv. water, lucht, wind, zonlicht en de ongerepte natuur. Door de negatieve externe effecten verdwijnen steeds meer vrije goederen. bijv. drinkwater is schaars omdat het gezuiverd moet worden; er moeten offers gebracht worden. Zie ook: onderdeel schaarse goederen

vrije loonpolitiek : algemeen overheid - Een per bedrijf(stak) gedifferentieerd systeem van loonvorming, waarbij de loonontwikkeling in handen ligt van werkgevers(organisaties) en werknemers(organisaties). (Schöndorff c.s.).

vrije markteconomie : markten en prijzen, consumenten en producenten - Is hetzelfde als de vrije ruilverkeershuishouding. Zie ook: onderdeel vrije ruilverkeershuishouding

vrije ruilverkeershuishouding : markten en prijzen, consumenten en producenten - Is een extreme vorm (grondvorm) van economische orde waarbij het allocatieprobleem door middel van het vrije spel van vraag en aanbod ( het prijs- en marktmechanisme) wordt opgelost. De Amerikaanse economie (VS) heeft de meeste kenmerken van deze economische orde. Een ander naam voor deze extreme vorm is de vrije markteconomie. Zie ook: onderdeel georiënteerde markteconomie onderdeel economische orde tegenstelling centraal geleide economie

vrije sectorwoning : - Huis waarop geen subsidie wordt verstrekt en waarvoor geen verkoopregulerende bepalingen gelden.

vrije toe- en uittreding : producentengedrag - betekent dat er geen belemmeringen zijn om tot de markt toe te treden of uit te treden. Er zijn dan geen wettelijke of andere belemmeringen om het goed te gaan aanbieden of om juist de productie te staken.

vrije verkeer van diensten : overheid, internationaal - europeesrechtelijk beginsel, inhoudende het verbod beperkingen te leggen op het vrij verrichten van diensten binnen de Europese Gemeenschap ten aanzien van onderdanen van de Lidstaten. Bijv. werkzaamheden van de vrije beroepen.

vrije verkeer van goederen : overheid, internationaal - europeesrechtelijk beginsel, inhoudende het verbod van in- en uitvoerrechten op goederen die binnen de Europese Gemeenschap circuleren.

Vrije verkoopwaarde : - Waarde van een woning die in volle eigendom (zie aldaar) leeg en onbezwaard (zie aldaar) kan worden overgedragen

vrijhandel : internationaal - Internationale handel zonder handelsbelemmeringen. Na de Tweede Wereldoorlog heeft de GATT en vanaf 1995 de World Trade Organization (WTO) een grote rol gespeeld bij het opruimen van handelsbarri`res. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel GATT onderdeel World Trade Organization (WTO)

vrijhandelsgebied (of vrijhandelszone) : internationaal - Leden heffen geen invoerrechten op elkaars producten, maar er is geen gemeenschappelijk buitentarief (Schöndorff c.s.). Het probleem ontstaat, dat de invoer van buiten het vrijhandelsgebied plaats gaat vinden via het land met laagste buitentarief. Dit probleem kan deels opgelost worden door het certificaat van oorsprong. Zie ook: onderdeel douane-unie onderdeel economische unie onderdeel AFTA onderdeel Europese Vrijhandelsassociatie (EVA)

vrijstelling dochterbedrijf : producentengedrag - de vrijstelling voor dochterbedrijf (zgn. groepsafhankelijke rechtspersoon) van vrijwel alle voorschriften van het jaarrekeningrecht, mits aan bepaalde voorwaarden is voldaan. De belangrijkste is dat de financiële gegevens van het dochterbedrijf in de geconsolideerde jaarrekening van de moeder zijn opgenomen en dat de moeder een verklaring neerlegt bij het handelsregister (kamer van koophandel) van de groepsafhankelijke rechtspersoon.

vrijwilligerswerk : grondbegrip - zijn alle werkzaamheden die niet gericht zijn op het verwerven van een inkomen.

vuistpand : pand en hypotheek - zakelijk recht dat gevestigd wordt door de zaak in de macht van de pandhouder te brengen.

vuistpandrecht op vorderingen : pand en hypotheek - of openbaar pand op vorderingen. Verpanding van een vordering op een derde doordat de pandgever hierover mededeling doet aan die derde.

waarborgcertificaat : - Nieuwbouwwoningen worden meestal gebouwd onder garantie, bijv. van het Garantie Instituut Woningbouw. Onder die garantie valt een kwaliteitsgarantie en de garantie dat het huis wordt afgebouwd, ook als de bouwondernemer failliet gaat. Gesubsidieerde woningen moeten in principe altijd onder een dergelijke garantie worden gebouwd. De koper heeft recht op afgifte van het waarborgcertificaat.

Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) : - De Garantie en Waarborgregeling is een borg- of garantstelling die door het Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW) wordt afgegeven voor een hypotheek. Voor het bedrag van de borgstelling kan de koper altijd een hypotheek afsluiten. Het inkomen van de koper, de lening en de woning moeten voldoen aan de normen van het WEW. De aanvraag loopt via de geldverstrekker of de tussenpersoon waar de hypotheek wordt afgesloten.

Waarborgfonds Motorverkeer (WAM) : financiële zaken consumenten en producenten - rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid, die tot taak heeft aan benadeelden hun schade, veroorzaakt door een motorrijtuig, te vergoeden, indien niet kan worden vastgesteld wie de aansprakelijke persoon is.

waarborgsom : financiële zaken - 1. Bij de koop van een bestaand huis kan men overeenkomen dat de koper in afwachting van het transport een bepaald deel van de koopsom (oplopend tot 10%) als waarborg stort bij de notaris. 2. Margin, onderpand, zekerheid of dekking. Minimum ~ die betaald wordt voordat termijncontracten bij een broker worden afgesloten. Bijv. iemand heeft een calloptie geschreven en koopt de onderliggende aandelen als ~. (bron: beleggingsplein.nl)

waarde : algemeen - Te onderscheiden zijn de nominale waarde van bijv. obligaties en de beurswaarde (of koers). Een ander onderscheid is dat tussen nominale waarde en reële waarde van een grootheid. De beurswaarde van een onderneming is gelijk aan de beurswaarde van alle uitstaande aandelen van die onderneming. De intrinsieke waarde is de waarde van het eigen vermogen onder de veronderstelling dat de onderneming blijft functioneren. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring obligaties nadere verklaring nominale waarde nadere verklaring beurswaarde nadere verklaring defleren

waarde overheidsproductie : nationaal inkomen, nationale rekeningen - omdat het overheidsproduct niet via de markt wordt (kan worden) geleverd, neemt men als overheidsproductie (netto toegevoegde waarde) gemakshalve de ambtenarensalarissen.

waardepapier / (mv.) waardepapieren : financiële zaken markten en prijzen - papier met geldswaarde, zoals bankbiljetten, cheques, effecten.

waardepeildatum : - De datum waarop de gemeente de waarde van de onroerende zaak heeft vastgesteld voor de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ). Om de vier jaar wordt de waarde opnieuw vastgesteld. IN de tussenliggende periode geldt de waarde van de laatste peildatum

Waarderingskamer : algemeen overheid - zelfstandig bestuursorgaan dat toeziet op de correcte waardering van onroerende zaken in Nederland ingevolge de Wet waardering onroerende zaken (WOZ). De WOZ-waarde van woonhuizen en panden in zakelijk gebruik wordt in aanmerking genomen bij de heffing van de gemeentelijke onroerende-zaakbelastingen, bij de omslag van de waterschapslasten en ter bepaling van het van toepassing zijnde eigenwoningforfait in de inkomstenbelasting. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring Wet waardering onroerende zaken (WOZ) nadere verklaring onroerende zaakbelastingen (OZB) nadere verklaring eigenwoningforfait nadere verklaring zelfstandig bestuursorgaan

waarderingsoordelen : arbeidsmarkt / productie / inkomensverdeling - kunnen niet uit de economische wetenschap worden afgeleid, omdat deze berusten op politieke of godsdienstige overtuigingen. Het zijn persoonlijke meningen. In de economie als wetenschap gaat het om zijnsoordelen, d.w.z. om objectief toetsbare criteria. Dat economen soms het heel erg met elkaar oneens kunnen zijn, komt omdat men dan van heel verschillende vooronderstellingen uitgaat. Ook kunnen er verschillen (en fouten) in de informatie zijn, die dan weer leiden tot verschillende conclusies.

waardevast : - betekent dat een inkomen alleen nominaal wordt aangepast, maar niet reëel. Men ontvangt alleen de prijscompensatie, waardoor de koopkracht dus gelijk blijft.

waardevrijheid van de economische wetenschap : algemeen - Opvatting dat de economie, zoals elke wetenschap, geen normen geeft maar uitsluitend de werkelijkheid probeert te verklaren zoals deze door de onderzoeker wordt waargenomen. Hiertegenover staat de opvatting dat wetenschap zich ten dienste moet stellen bijv. aan de emancipatie van minderheden (normatieve wetenschap). Volgens pleitbezorgers van de waardevrije of positieve wetenschapsbeoefening is ænormatieve wetenschapÆ een contradictie, omdat wetenschap per definitie geen normen kan geven. In deze positieve wetenschapsopvatting bestaat er ook geen marxistische, feministische, boeddhistische, ethische, humanistische of christelijke economische wetenschap. Een en ander laat onverlet dat de econoom als persoon, maar dan niet vanuit de wetenschap, normen en waarden kan onderschrijven en uitdragen. (Schöndorff c.s.)

wachtdag : algemeen overheid - (Werk)dag waarover geen uitkering wordt betaald krachtens een sociale verzekering. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring sociale verzekering

wachtgeldverzekering : algemeen overheid - Sociale verzekering die inkomensverlies van werklozen dekt gedurende de eerste 26 weken van de werkloosheid. Zij is geregeld in een onderdeel van de Werkloosheidswet. De premie voor de wachtgeldverzekering verschilt per bedrijfstak. Ná 26 weken krijgen werklozen een uitkering krachtens de algemene werkloos¡heidsverzekering. Voor deze verzekering geldt een landelijk uniforme premie. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring sociale verzekering nadere verklaring Werkloosheidswet (WW)

wachttijd / wachtdagen : financiële zaken consumenten en producenten - periode die nadat het verzekerde risico zich heeft voorgedaan (bijv. arbeidsongeschiktheid) eerst moet verstrijken, vooraleer de verzekeraar tot uitkering (uit hoofde van de arbeidsongeschiktheidsverzekering) overgaat.

Wajong-regeling : nationaal inkomen, werkgelegenheid - Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten. Uitkering, op het niveau van sociaal minimum, voor jongeren die voor hun 18e jaar arbeidsongeschikt waren of die tijdens hun studie arbeidsongeschikt zijn geworden.

Wall Street : financiële zaken - De naam van de straat in New York waar de New York Stock Exchange (NYSE) is gevestigd. De term wordt gebruikt als algemene aanduiding van æde Amerikaanse beursÆ. Vaak werkenkoersontwikkelingen op Wallstreet door op onder meer de Europese beurzen. Beleggers in Europa houden dan ook de gang van zaken op de Amerikaanse beurs nauwlettend in de gaten. (Schöndorff c.s.)

wanbeleid : groei en conjunctuur, markten en prijzen - slecht beleid, bijv. van bestuurders van een naamloze of besloten vennootschap.

WAO-gat : algemeen overheid - De Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) dekt het inkomensverlies van arbeidsongeschikt verklaarde werknemers. Alleen werknemers van 33 jaar en ouder hebben recht op een volledige WAO-uitkering, gelijk aan 70 procent van het laatst¡verdiende loon of salaris. De duur van de volledige WAO-uitke¡ring neemt toe met de leeftijd. Voor werknemers van 58 jaar en ouder loopt zij zes jaar (tot de AOW-uitkering ingaat). Gewe¡zen werk¡nemers jonger dan 33 jaar en werknemers van 33-58 jaar hebben een WAO-gat (of: WAO-hiaat), omdat hun WAO-uitkering slechts gedurende een beperkte periode gelijk is aan 70 % van het laatste salaris. In veel gevallen is dit WAO-gat gedekt via een aanvullende verzekering, die is geregeld in de algemeen verbindend verklaarde cao, of als onderdeel van een individuele arbeidsovereen¡komst. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) nadere verklaring algemeen verbindend verklaarde nadere verklaring collectieve arbeidsovereenkomst (CAO)

Warenwet : consumentengedrag - krachtens deze wet houdt de Keuringsdienst van Waren toezicht op de kwaliteit van voedingsmiddelen.

warrant : financiële zaken - Engels: het recht om tot een vooraf bepaalde datum tegen een vastgestelde koers effecten te kopen. (of te verkopen: put-warrants). Een ~onderscheidt zich van een optie doordat de ~ wordt uitgegeven door de onderneming zelf, en het kooprecht betreft de koop van nieuw uit te geven aandelen. Vaak komen warrants voor in de vorm van personeelsopties. ,met een (zeer) lange looptijd. Zie ook: onderdeel opties onderdeel futures

Wassenaar-akkoord van 1982 : - is een akkoord waarbij de sociale partners overeenstemming bereikten in het streven naar loonmatiging ten behoeve van werkgelegenheid.

waterschapsbelastingen : financiële zaken, overheid - belasting waartoe door het algemeen bestuur van een waterschap door het vaststellen van een belastingverordening besloten kan worden.

waterschapsheffing : financiële zaken, overheid - De waterschappen dragen zorg voor de waterkering (onderhoud en beheer van dijken) en/of de waterhuishouding. Bijna al hun inkomsten ontvangen zij via heffingen, ook wel omslagen genoemd. (bron: huizenveiling.nl)

waterschapsomslag : algemeen overheid - Aanslag die wordt opgelegd aan de ingezetenen van een waterschap en aan de eigenaren van grond gelegen binnen het werkgebied van een waterschap . De totale opbrengst van de water¡schapsomslag moet voldoende zijn om de kosten van het water¡schap te dekken. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring waterschap

wederzijdse schuldaanvaarding : groei en conjunctuur - Kredietverlening door primaire banken waarbij de bank een onmiddellijk opeisbare schuld (een banktegoed) erkent aan de kredietnemer en de kredietnemer een langer lopende schuld aangaat met de bank (Schöndorff c.s.);
kredietverlening door primaire banken middels het rekening-courant, waarbij de bank een kortlopende schuld erkent aan de kredietnemer (in de rol van crediteur), en de kredietnemer een schuld aangaat met de bank (als debiteur). Deze vorm van geldschepping is de belangrijkste oorzaak dat de maatschappelijke geldhoeveelheid vrij snel kan toenemen. Daarom houdt DNB hier toezicht op. 	grafiek met weerstandsniveau	grafiek met weerstandsniveau

weekstaat : financiële zaken - Wekelijks door De Nederlandsche Bank en de Europese Centrale Bank gepubliceerde verkorte balans. Door de actuele cijfers en de cijfers van de week daarvoor te vermelden kan inzicht worden verkregen in de activiteiten die de centrale bank in de afgelopen week heeft ondernomen. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring De Nederlandsche Bank (DNB) nadere verklaring Europese Centrale Bank (ECB)

Weens Koopverdrag / Verdrag van Wenen : internationaal, overheid - Verdrag der Verenigde Naties inzake internationale koopovereenkomsten betreffende roerende zaken; Wenen 11 april 1980 (Trb. 1981, 184).

weerstandsniveau : financiële zaken - Term uit de technische analyse: een koersniveau waar in het verleden bij herhaling koersstijgingen zijn gestopt. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring technische analyse

wegingsfactor : nationaal inkomen, nationale rekeningen - geeft de relatieve belangrijkheid aan van een goed in een (standaard)pakket goederen in het basisjaar. Een wegingsfactor van een bepaald goed in het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie geeft aan welk deel van het inkomen een modaal gezin aan dat goed uitgeeft.

weglekeffect : algemeen overheid - De opbrengst van een bezuinigingsmaatregel lekt voor een deel weg door uitgavenstijgingen bij andere overheidsregelingen, met name omdat de inkomensdaling van huishoudens als gevolg van de bezuiniging leidt tot hogere collectieve uitgaven voor regelingen met een inkomensprijs. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring inkomensprijs

Wegneembeding : pand en hypotheek - Hypotheekbeding waardoor aan de geldlener het recht wordt ontnomen om latere verbeteringen aan de woning weer ongedaan te maken. (bron: huizenveiling.nl)

weinig aanbieders : producentengedrag - is sprake van als de aanbieders het gevoel hebben ernstig rekening met elkaar te moeten houden, wat de concurrentie betreft. Als één van de deelnemers zijn prijs verlaagt heeft dat merkbare gevolgen voor het marktaandeel van de anderen. Wanneer het aantal zo groot is dat men niet de gevolgen merkt, dan kan men spreken van veel aanbieders. De overgang van "weinig" naar "veel" is natuurlijk niet scherp, en is sterk afhankelijk van de persoonlijke beoordeling (van de producent) van de marktsituatie. Dit wordt mede ook bepaald door het verschil in grootte van de marktaandelen. Soms is er sprake van één grote aanbieder met een aantal kleinere, waarbij de grote aanbieder de rol van prijsleider vervult. Zie ook: onderdeel oligopolie

welstandsnota : algemeen overheid - document dat wordt vastgesteld door de gemeenteraad, met daarin beleidsregels waarin de criteria zijn opgenomen die burgemeester en wethouders toepassen bij de beoordeling of een voorgenomen bouwwerk niet in strijd is met redelijke eisen van welstand (d.w.z. past binnen de omgeving waarin het gebouwd wordt).

welvaart : algemeen - De mate waarin de schaarste is opgeheven, ofwel de mate waarin in de behoeften is voorzien door het gebruik van schaarse, alternatief inzetbare middelen. Het gaat hierbij niet alleen om zaken als geld en inkomen. Ook bijv. de hoeveelheid vrije tijd waarover iemand kan beschikken, de recreatiemogelijkheden en de kwaliteit van het natuurlijk leefmilieu bepalen de totale welvaart. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel welvaart in enge zin onderdeel welvaart in ruime zin

welvaart in enge zin : algemeen - Hier wordt alleen gekeken naar de materiële productie van goederen en diensten, en wordt geen rekening gehouden met de (negatieve) externe effecten, zoals de milieuvervuiling. Zie ook: onderdeel welvaart in ruime zin onderdeel welvaart

welvaart in ruime zin : algemeen - Hier wordt niet alleen gekeken naar de materiële productie van goederen en diensten, maar men houdt nu ook rekening met de externe effecten, zoals de milieugoederen (zowel positief als negatief). Zie ook: onderdeel welvaart in enge zin onderdeel welvaart

welvaartsbeginsel : collectieve sector / economische orde en politiek - betreft de schade die de belastingheffing kan hebben op de economische groei. Een hoge belastingdruk kan economische activiteiten ontmoedigen.

welvaartsspreiding : algemeen - verspreiding van rijkdom over de bevolking; ~ is een zorg van de overheid.

welvaartsvast : - betekent dat een inkomen automatisch aangepast wordt aan de algemene inkomensontwikkeling. Het inkomen zal dan niet alleen nominaal stijgen maar ook reëel (in economisch gunstige perioden).

welzijn : algemeen - De mate waarin behoeften worden bevredigd, zonder opoffering van schaarse alternatief aanwendbare middelen. Hiermee is welzijn een buiteneconomisch begrip. (Schöndorff c.s.)