Typ hierboven uw zoekterm of scroll

© 2001-2015 Lycaeus Economisch Woordenboek - Alle rechten voorbehouden>

verwachtingswaarde : financiële zaken - De koers van een optie wordt voor een deel bepaald door zijn intrinsieke waarde en voor een deel door zijn verwachtingswaarde. Deze laatste wordt bepaald door het subjectieve oordeel van beleggers. Naarmate de expiratiedatum nadert loopt de verwachtingswaarde uit de optie en nadert de koers de uitoefenprijs. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring intrinsieke waarde nadere verklaring uitoefenprijs nadere verklaring expiratiedatum

verwerpen : - Een erfenis hoeft men niet te aanvaarden, men kan die ook afwijzen. Dit moet dan voor de gehele erfenis gelden, men kan die niet gedeeltelijk verwerpen

verwervingskosten : financiële zaken - De bijkomende kosten (naast de aankoopsom) bij de koop van een huis. De verwervingskosten bestaan onder andere uit de financieringskosten en de overdrachtsbelasting (bestaand huis), eventueel meerwerk en rente tijdens de bouw (nieuwbouwhuis).

verzekerd belang : financiële zaken consumenten en producenten - voorwerp van verzekeringsovereenkomst: kan zijn alle belang, dat op geld waardeerbaar, aan gevaar onderhevig en bij de wet niet is uitgezonderd.

verzekerd kopen : - Keurmerk dat in ontwikkeling is en dat garanties moet bieden aan de kopen van een woning. Het doel is vooral om de risico's van een eigen woning voor lagere inkomensgroepen te beperken

verzekeren : algemeen overheid - Transactie waarbij een kleine, onzekere kans op een grote schade wordt ingeruild tegen de zekerheid van een relatief kleine premie (Schöndorff c.s.). De verzekeraar verplicht zich er toe om tegen betaling van premies de verzekerde schadeloos te stellen in geval het verzekerde risico optreedt.

verzekeringsbankieren : financiële zaken - Grote verzekeraars verkopen via hun distributiekanaal ook bankproducten (assufinance). Bij bankverzekeren (bancassurance) verkopen banken via hun kanalen ook verzekeringsproducten. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel bankverzekeren

verzekeringskamer : - is een instelling die toezicht houdt op de verzekeringsmaatschappijen en pensioenfondsen.

verzekeringsmaatschappijen : financiële zaken consumenten en producenten - de rechtspersoon waarop artikel 72 van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 van toepassing is alsmede de rechtspersoon, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onder a van die wet alsmede de rechtspersoon waarop artikel 33 van de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf van toepassing is.

verzekeringsrecht : financiële zaken consumenten en producenten - rechtsgebied uit het Wetboek van Koophandel, Wet Toezicht op het Verzekeringsbedrijf en het Wetboek van Strafrecht; vooral m.b.t. totstandkoming, beëndiging en vernietigbaarheid van diverse soorten verzekeringsovereenkomsten en betaling(sweigering) van verzekeringspenningen.

verzelfstandiging : algemeen overheid - 1. Het in de sociale zekerheid toekennen van rechten en het opleggen van verplichtingen op individuele basis, waarbij rekening wordt gehouden met schaalvoordelen door het gezamenlijk voeren van een huishouding (Schöndorff c.s.). 2. Bij externe verzelfstandiging worden taken overgedragen aan een verzelfstandigde eenheid buiten de rijksoverheid. De ministeriële verantwoordelijkheid neemt af. Bij interne verzelfstandiging worden taken en bevoegdheden binnen de rijksoverheid gedelegeerd. De ministeriële verantwoordelijkheid blijft volledig intact. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel individualisering

verzorgingsstaat : algemeen overheid - Aanduiding van een sociaal-politiek bestel gekenmerkt door een democratische staatsvorm, waar de productie grotendeels geschiedt door winstbeogende particuliere ondernemingen, terwijl de overheid er naar streeft alle burgers een redelijk bestaan te garanderen door een actief beleid te voeren ten aanzien van omvang, verdeling en stabilisatie van de nationale productie. (Schöndorff c.s.).

verzuiling / verzuilen / verzuild : collectieve sector / economische orde en politiek - het zich organiseren van bevolkingsgroepen in een netwerk van niet alleen politieke, maar ook maatschappelijke organisaties op levensbeschouwelijke grondslag. (Ten Napel)

verzuimboeten : financiële zaken, overheid - soort bestuurlijke boete die de fiscus kan opleggen wanneer de belastingplichtige zijn aangifte niet binnen de daartoe gestelde termijn heeft ingediend. De ~ kunnen max. € 1134,- bedragen.

verzwijging / verzwijgen / verzwegen : financiële zaken consumenten en producenten - niet meedelen aan de verzekeraar van bekende feiten die van zodanige aard zijn dat de verzekeraar de verzekering niet of niet onder dezelfde voorwaarden had gesloten.

vestigingshandeling : pand en hypotheek - handeling die nodig is om een beperkte recht te doen ontstaan. Bijv. bij vuistpand dient het pand rechtstreeks in het bezit te worden gebracht van de pandhouder. Bij bezitloos pandrecht blijft het pand bij de pandgever maar wordt het via een akte in de macht van de pandhouder gebracht.

vestigingsplaats : producentengedrag - plaats waar een rechtspersoon is gevestigd, meestal in aangeduid in het handelsregister van de Kamer van Koophandel.

Vijffasen theorie : internationaal - Theorie ontwikkeld door de econoom W.W. Rostow die zegt dat een land in zijn ontwikkeling vijf fasen doorloopt, te weten:de traditionele maatschappij, een situatie waarin geen noemenswaardige economische en sociale veranderingen plaatsvinden; de aanzet tot de start, waarbij rationeel denken en inventiviteit een belangrijke rol gaan speen; de 'take off'. De ontwikkeling komt op gang. Voor de ontwikkelde landen was dat de periode van de industriële revolutie. Er vinden grote investeringen plaats in de productie; de rijpheidsfase. Niet alleen de industrie, maar vrijwel alle sectoren, kennen groei. Een groei die wordt ondersteund door een voortdurende technologische vernieuwing; het tijdperk van de massaconsumptie, waarin voor (vrijwel) iedereen een hoog ontwikkeld consumptieniveau bestaat. (Schöndorff c.s.)

VINEX-locaties : algemeen overheid - woningbouwlocaties zoals die aangewezen zijn in de vierde nota Ruimtelijke Ordening Extra en waarvoor tussen rijk en andere overheden afspraken zijn gemaakt over de uitvoering in de periode 1995-2005.

vlottend kapitaal : algemeen - Zijn kapitaalgoederen die slechts één productieproces/ -periode meegaan. De handelsvoorraad van een ondernemer behoort dus tot het vlottend kapitaal, omdat ze maar één verkoopproces meegaan. Zie ook: onderdeel kapitaalgoederen tegenstelling vast kapitaal onderdeel voorraden

vlottende activa : producentengedrag - baten van een rechtspersoon die zijn bestemd om de uitoefening van de werkzaamheid van die rechtspersoon korter dan een jaar te dienen, zoals: voorraden, vorderingen, effecten, liquide middelen en overlopende activa.

vlottende schuld : collectieve sector / economische orde en politiek - is kortlopende schuld. De overheid heeft dan leningen afgesloten met een relatief korte looptijd.

vlottende staatsschuld : collectieve sector / economische orde en politiek - leningen van de staat met een oorspronkelijke looptijd van twee jaar of minder.

voetverklaring : groei en conjunctuur, markten en prijzen - In een gebied waar de Wet Voorkeursrecht Gemeenten geldt, moeten verkopers hun huis eerst aan de gemeente aanbieden. Notarissen verklaren onder aan de akte (aan de voet) dat deze verplichting niet van toepassing is, dan wel dat er aan is voldaan. (bron: huizenveiling.nl)

volatiliteit Eng.: volatility : financiële zaken - De volatiliteit of volatility is de mate waarin de koers van een financieel product (aandeel, obligatie, valuta, etc. ) schommelt. De koersgevoeligheid van aandelen wordt op de financiële pagina's aangegeven met de 'b`ta'. Een b`ta groter dan 1 betekent dat de koers van het aandeel meer schommelt dan het gemiddelde van alle beursfondsen. Een b`ta kleiner dan 1 betekent dat die schommeling minder is dan het gemiddelde van alle beursfondsen. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel b`ta

volgestort aandeel : financiële zaken markten en prijzen - nominale waarde van het aandeel die door de aandeelhouders aan de vennootschap is betaald.

volkomen concurrentie Eng.: perfect competition : markten en prijzen, consumenten en producenten - Bij deze marktvorm bepalen collectieve vraag en collectief aanbod de evenwichtsprijs. Een sprekend voorbeeld van een markt waar vraag en aanbod de prijs bepalen, is een bloemenveiling. Op zo'n veiling komt het aanbod van een groot aantal kwekers te staan tegenover de vraag van een heleboel bloemenverkopers. Kenmerken van een markt met volkomen concurrentie zijn: er zijn heel veel vragers en ook heel veel aanbieders; er wordt een homogeen goed verkocht, wat wil zeggen dat het gaat om producten die in de ogen van de kopers precies dezelfde eigenschappen hebben. Op de bloemenveiling bijv. een standaard kwaliteit anjers; op de valutamarkt allemaal gelijke dollars of guldens; de markt is volkomen doorzichtig voor de vragers en de aanbieders: iedereen is op elk moment volkomen geïnformeerd over alles wat van belang is voor zijn handelen; de toetreding tot de markt is vrij: er zijn geen toetredingsdrempels voor nieuwe aanbieders om, als zij dat willen, hun aanbod aan de man te brengen. (Schöndorff c.s.). Volkomen concurrentie wordt ook wel vaak "volledige mededinging" genoemd. De vier voorwaarden wil er sprake zijn van volkomen concurrentie zijn: 1. veel aanbieders en veel vragers; 2. homogeen goed; 3. transparante markt; 4. vrije toe- en uittreding. De individuele producent bij volkomen concurrentie is een hoeveelheidsaanpasser. Zie ook: onderdeel homogeen goed onderdeel marktvorm tegenstelling monopolistische concurrentie onderdeel polypolie

volkomen elastische vraag : consumentengedrag - De absolute waarde van de prijselasticiteit is oneindig groot

volkomen inelastische vraag : consumentengedrag - Bij een prijsverandering verandert de gevraagde hoeveelheid niet. De waarde van de prijselasticiteit is (altijd) nul. Het schoolvoorbeeld van een volkomen inelastisch goed is zout.

volkomen markt : markten en prijzen - Markt die gekenmerkt wordt door een homogeen goed, waar volledige informatie bestaat en de toetreding vrij is.

volksverzekering : algemeen overheid - Wettelijke regeling die onder nadere voorwaarden alle ingezetenen aanspraak op een sociale uitkering geeft; Nederland kent drie volksverzekeringen, die zijn geregeld in achtereenvolgens de Algemene ouderdomswet (AOW), de Algemene nabestaandenwet (Anw) en de Algemene wet bijzondere ziekteˇkosten (AWBZ). (Schöndorff c.s.). De volksverzekeringen beginnen allemaal met een A, zoals de AAW, AWBZ, AOW, AWW, en de AKW

volledige werkgelegenheid : groei en conjunctuur - De situatie waarbij de gegeven productiecapaciteit volledig wordt benut (Schöndorff c.s.). Dit wordt het bestedingsevenwicht genoemd. Zie ook: onderdeel bestedingsevenwicht

voltijdbaan Eng.: fulltime job : arbeidsmarkt / productie / inkomensverdeling - is sprake van als iemand op jaarbasis het maximale aantal CAO-uren werkt. Iemand die minder werkt heeft een deeltijd of parttime baan

voordeel internationale handel : internationale economische betrekkingen / integratie - ligt vooral in het benutten van de voordelen van specialisatie. Elk land legt zich toe op de productie van goederen waar het een voorsprong in heeft, of (relatief gezien) het beste in is. Mondiaal gezien is de productie hierdoor veel groter en het welvaartsniveau veel hoger dan zonder internationele handel. Zie eventueel ook de Wet van Ricardo.

voordelen prijs- en marktmechanisme : collectieve sector / economische orde en politiek - als coördinatie mechanisme in de (vrije) markteconomie worden bijv. vaak genoemd: de consumentensoevereiniteit, het allocatieprobleem wordt deels vanzelf opgelost, de productiefactoren worden zo efficiënt mogelijk ingezet, en veel ruimte voor particulier initiatief. Zie ook: tegenstelling nadelen

voorheffing : algemeen overheid - Belasting die wordt ingehouden wanneer inkomen betaalbaar wordt gesteld (salaris, dividend). Zie ook: onderdeel loonbelasting onderdeel inkomstenbelasting onderdeel bronheffing

Voorjaarsnota : algemeen overheid - Tussentijds overzicht van de lopende uitvoering van de rijksbegroting, waarin wordt aangegeven welke wijzigingen ten opzichte van de oorspronkelijk goedgekeurde begroting nodig zijn. De Voorjaarsnota dient uiterlijk 1 juni van het lopende jaar bij de Staten-Generaal te worden ingediend. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel Rijksbegroting

voorkennis : financiële zaken - Het van te voren bekend zijn met ontwikkelingen die de koers kunnen beïnvloeden, terwijl anderen daarmee nog niet bekend zijn. In de Wet Toezicht Effectenverkeer staat dat handelen met voorkennis verboden is. De wet is aangevuld door een Algemene Maatregel van Bestuur waarin sinds 1 januari 1999 een aantal uitzonderingen wordt opgesomd. (Schöndorff c.s.).

voorkeursrecht bij emissie van aandelen : producentengedrag - Tenzij de statuten anders bepalen, heeft iedere aandeelhouder bij uitgifte (emissie) van aandelen in een vennootschap een voorkeursrecht naar evenredigheid van het gezamenlijke bedrag van zijn aandelen.

voorlopige dekking / voorlopig dekken / voorlopig gedekt : financiële zaken consumenten en producenten - verzekering zonder verzekeringspolis, meestal van tijdelijke aard.

voorlopige teruggave : financiële zaken, overheid - Een eigen woningbezitter mag onder andere de hypotheekrente opvoeren als aftrekpost voor de inkomstenbelasting. Dat leidt meestal tot een belastingteruggave die in plaats van per jaar achteraf ook per maand vooruit kan worden uitbetaald. Men ontvangt dan een voorlopige teruggave rechtstreeks van de Belastingdienst. Eventueel te veel of te weinig terugontvangen belasting wordt achteraf verrekend met de definitieve aanslag inkomstenbelasting. (bron: huizenveiling.nl)

voorlopige voorziening : - Maatregel die geldt totdat een definitieve beslissing over een geschil is genomen

voorraadgrootheid : algemeen, financiële zaken - Een voorraad gemeten op een bepaald tijdstip; bijv. een voorraad grondstoffen op 31 december van een gegeven jaar. Een balans bevat voorraadgrootheden. (Schöndorff c.s.). Zie ook: tegenstelling stroomgrootheid

voorraadmutatie : nationaal inkomen, nationale rekeningen - is de verandering (toe- of afname) van de omvang van de voorraden (= vlottend kapitaal) gedurende een bepaalde periode. De voorraadmutatie is een onderdeel van de netto-investeringen. De uitbreidingsinvesteringen plus de voorraadmutatie vormen samen de netto-investeringen.

voorraden : consumenten en producenten - Kunnen bestaan uit grondstoffen, halffabrikaten en gereed product. Zie ook: onderdeel vlottend kapitaal

voorschotrente : geld, bankwezen - is de rente die DNB in rekening brengt bij de particuliere banken, wanneer deze lenen bij DNB. Vroeger sprak men over disconto. Banken kunnen zogenaamde vaste voorschotten opnemen voor een periode van minimaal één maand en maximaal drie maanden. Ingeval van zeer tijdelijke liquiditeitsbehoefte kan een bank ook een marginaal voorschot opnemen.

voortzettingswaarde : financiële zaken, overheid - waarde van een slecht renderende onderneming voor te betalen successierecht: als de waarde van de onderneming met inachtneming van de verplichting van de verkrijger om deze gedurende een periode van ten minste vijf jaar voort te zetten lager is dan de liquidatiewaarde, mag voor de bepaling van het te betalen successierecht worden uitgegaan van die lagere ~.

vooruitbetaling / vooruitbetalen / vooruitbetaald : groei en conjunctuur, markten en prijzen - op voorhand betalen; reeds betalen terwijl de wederpartij pas later aan zijn verplichting hoeft de voldoen. Bijv. een reis boeken gaat met ~ gepaard. Pas over enkele maanden gaat de reis van start.

voorwaardelijk trekkingsrecht : internationaal - Kredietmogelijkheid bij het Internationaal Monetair Fonds waaraan eisen kunnen worden verbonden met betrekking tot het te voeren economisch beleid. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring Internationaal Monetair Fonds (IMF)

voorwetenschap : financiële zaken markten en prijzen - bekendheid met een bijzonderheid omtrent de rechtspersoon, vennootschap of instelling, waarop de effecten betrekking hebben of omtrent de handel in de effecten: die niet openbaar is gemaakt en waarvan openbaarmaking, naar redelijkerwijs is te verwachten, invloed zou kunnen hebben op de koers van de effecten, ongeacht de richting van die koers. Effectenhandel met ~ is verboden.

voorzorgsmotief : geld, geldschepping - in verband met onvoorziene gebeurtenissen in de toekomst, wenst het publiek extra kasgeld aan te houden. Dit motief ligt samen met het speculatiemotief ten grondslag aan de inactieve kas. In de liquiditeitsvoorkeurstheorie van Keynes is de inactieve kas rentegevoelig.

vorderingensaldo : algemeen overheid - De mutatie in het saldo van de financiële activa en passiva van de collectieve sector. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring collectieve sector

Vormerkung : financiële zaken - Duits: inschrijven van een koopakte voor onroerende zaken in de openbare regsiters door een notaris met een notarisverklaring erbij.
De inschrijving beschermt de koper tegen een latere verkoop door de verkoper aan derden. Ook is de koper beschermt tegen beslaglegging van een schuldeiser op het vermogen (en daarmee het betreffende onroerend goed) van de verkoper.

vraag (en aanbod) : markten en prijzen - Op een markt met volkomen concurrentie bepalen vraag en aanbod de evenwichtsprijs. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring markt nadere verklaring volkomen concurrentie nadere verklaring evenwichtsprijs nadere verklaring vraaglijn

vraagcurve : markten en prijzen - geeft grafisch het verband tussen de prijs en de daarbij gevraagde hoeveelheid van een goed. Deze curve is (meestal) dalend, omdat bij een hogere prijs (meestal) minder wordt gevraagd. Zie ook: tegenstelling aanbodcurve

vraageconomie : - is een stroming in de economische wetenschap die de aandacht vooral richt op de vraagzijde van het economisch proces. De aanhangers van deze stroming worden vraageconomen of demand side economen genoemd. De tegenhangers van deze theorie zijn de aanbodeconomen.

vraagfactoren : groei en conjunctuur - De factoren die de vraag naar goederen en diensten in een land bepalen, zoals de vraag van consumenten, investeerders, overheid en buitenland. Men spreekt ook wel van bestedingen. (Schöndorff c.s.).

vraaglijn Eng.: demand curve : markten en prijzen - De lijn die in het vraag- en aanbodmodel het verband aangeeft tussen de prijs en de gevraagde hoeveelheid; in het normale geval vertoont deze lijn een dalend verloop; dit wil zeggen dat bij hogere prijzen minder wordt gevraagd dan bij lagere prijzen; aanbodlijn en vraaglijn bepalen samen de evenwichtsprijs. Het vraag- en aanbodmodel, men spreekt ook wel van het marktmechanisme, veronderstelt de marktvorm van volkomen concurrentie. 	grafiek van vraaglijn 	grafiek van vraaglijn - Zie ook: tegenstelling aanbodlijn

vraagoverschot : markten en prijzen - is sprake van als op een markt de gevraagde hoeveelheid naar een goed groter is dan de aangeboden hoeveelheid, zoals bijv. bij een minimumprijs; Het verschil tussen gevraagde en aangeboden hoeveelheid dat ontstaat bij het instellen van een maximumprijs. De overheid moet een distributiesysteem instellen om het vraagoverschot op een aanvaardbare manier te verdelen. Een klassiek voorbeeld is het vaststellen van maximumhuren, waarbij een distributiesysteem voor woonruimte noodzakelijk is. 	grafiek van een vraagoverschot 	grafiek van een vraagoverschot

vraagtekort : producentengedrag - is sprake van als op een markt de gevraagde hoeveelheid naar een goed kleiner is dan de aangeboden hoeveelheid, zoals bijv. bij een maximumprijs.

vrachtbrief : groei en conjunctuur, consumenten en producenten - document dat terzake van vervoer wordt opgemaakt door afzender dan wel vervoerder, met daarin minimaal: de ten vervoer ontvangen zaken, de plaats waar de vervoerder de zaken heeft ontvangen, de plaats waarheen ze vervoerd moeten worden, de geadresseerde, en de vracht.

vreemd vermogen : financiële zaken - Het vreemd vermogen op de balans van een vennootschap is het door derden beschikbaar gestelde vermogen. Er is kort vreemd vermogen, zoals bankkrediet en crediteuren (leveranciers die nog betaald moeten worden). En er is lang vreemd vermogen, zoals obligatieleningen en andere langlopende leningen. (Schöndorff c.s.). Zie ook: tegenstelling eigen vermogen