Typ hierboven uw zoekterm of scroll

© 2001-2015 Lycaeus Economisch Woordenboek - Alle rechten voorbehouden>

spread : financiële zaken - Het verschil tussen de biedkoers en de laatkoers bij de handel in valutaĈs en bij de optiehandel. (Schöndorff c.s.)

Staat van baten en lasten : - Overzicht van opbrengsten (inkomsten) en kosten (uitgaven) over het afgelopen boekjaar, ook wel de exploitatierekening genoemd

staat van middelen en bestedingen : groei en conjunctuur - Het tegenover elkaar stellen van de som van het nationaal inkomen en de invoer aan de ene kant en de som van de bestedingen aan de andere kant. (Schöndorff c.s.). Het principe van deze staat is af te leiden uit de identiteit Y = C + I + O + E - M => Y + M = C + I + O + E ; Deze staat wordt ook wel de confrontatie van middelen en bestedingen genoemd.

staathuishoudkunde : algemeen - De vroegere benaming voor economie, die veel te beperkt is omdat de economische wetenschap zich niet alleen met de huishouding van de staat bezighoudt. De beroepsvereniging van economen in Nederland heet de Koninklijke Vereniging voor de Staathuishoudkunde. (Schöndorff c.s.)

staatsbalans : algemeen overheid - Overzicht van de activa (bezittingen) en passiva (schulden en verplichtingen) van het Rijk, dat elk jaar in de Miljoenennota wordt gepubliceerd. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring Miljoenennota

staatsobligaties : collectieve sector / economische orde en politiek - door de staat uitgegeven schuldbrieven die voornamelijk op de kapitaalmarkt worden gebruikt.

staatsschuld : algemeen overheid - Openstaande schuld van het Rijk. (Schöndorff c.s.). De staatsschuld is verdeeld in vlottende schuld en vaste schuld. Zie ook: onderdeel overheidsschuld

staatsschuldquote : algemeen overheid - De staatsschuld als percentage van het bruto binnenlands product (Schöndorff c.s.). Onderbouwen met cijfers, richtlijnen EU.

stabiel prijspeil : collectieve sector / economische orde en politiek - als doelstelling betekent dat de overheid in haar beleid streeft naar het zo constant mogelijk blijvende prijzen. In feite gaat het erom dat de inflatie zoveel mogelijk wordt bestreden.

stabiele wisselkoersen : internationaal - Koersen mogen beperkt afwijken van een afgesproken spilkoers (bijv. het Europees Monetair Stelsel, de voorloper van de Economische en Monetaire Unie). (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel spilkoers onderdeel Europees Monetair Stelsel

stabilisatiefunctie : algemeen overheid - De collectieve sector probeert de omvang en de bezettingsgraad van de productiecapaciteit te beïnvloeden. Een dergelijke politiek past binnen een anticyclisch beleid. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel anticyclisch beleid

Stabiliteits- en Groeipact : internationaal - Samenstel van afspraken gemaakt op het niveau van de Europese Unie, waarbij de lidstaten zich onder andere hebben verplicht om op middellange termijn te streven naar een begrotingssaldo dat nabij evenwicht is of een overschot vertoont. (Schöndorff c.s.). Is er toch een tekort en komt dit boven de 3% van het BBP, dan moet een boete worden betaald.

Stadsvernieuwingsfonds : algemeen overheid - Gemeentelijk of provinciaal fonds, waarin geldelijke steun van de rijksoverheid wordt ondergebracht

stagflatie : groei en conjunctuur - Het tegelijkertijd optreden van inflatie en werkloosheid (stagnatie). Dit verschijnsel deed zich voor in de loop van de jaren zeventig in de industrielanden. De hogere olieprijzen tastten de koopkracht van de industrielanden aan en daarmee ook de werkgelegenheid. Een snel oplopende werkloosheid was het gevolg. En tegelijkertijd werkten de hogere energieprijzen door in de prijzen van producten, zodat de inflatie versnelde. (Schöndorff c.s.).

staking / staken / gestaakt : arbeidsmarkt / productie / inkomensverdeling - situatie waarbij werknemers uit onvrede met de werkgever(sbonden) het werk neerleggen teneinde die tot veranderingen of toegiften te dwingen. ~ is geen grondrecht.

stakingsaftrek : financiële zaken, overheid - ~ kan fiscaal worden afgetrokken en is gelijk aan winst die een ondernemer in een kalenderjaar haalt doordat hij zijn onderneming staakt met een maximum van ca. € 3.650,00.

stakingsfaciliteiten : arbeidsmarkt / productie / inkomensverdeling - hetgeen de stakers wordt geboden zodat zij kunnen staken. De belangrijkste faciliteit is de stakingsvergoeding die de vakbonden uitkeren. Werkgevers hoeven stakers niet door te betalen.

stakingsrecht : arbeidsmarkt / productie / inkomensverdeling - recht dat betrekking heeft op stakingen, d.w.z. op de weigering van werknemers hun werkzaamheden te verrichten, doorgaans om betere arbeidsomstandigheden te bewerkstelligen.

stakingswinst : markten en prijzen, groei en conjunctuur - winst die ontstaat door overname of liquidatie van een eigen bedrijf.

stamrecht BV : financiële zaken consumenten en producenten - besloten vennootschap met als beperkt doel het beheren van meestal de ontslagvergoeding dat als stamrecht bij een verzekeraar is ondergebracht. De directeur kan t.z.t. aan zichzelf een lijfrente uitkeren met behoorlijk belastingvoordeel, maar om voor deze zgn. stamrecht vrijstelling in aanmerking te komen moet hij aan een aantal voorwaarden voldoen.

stamrechtverzekering : financiële zaken consumenten en producenten - technisch gezien hetzelfde als een lijfrente verzekering of wel een koopsompolis met een lijfrenteclausule. Omdat een stamrecht fiscale voordelen heeft, moet er aan enkele voorwaarden zijn voldaan om van deze regeling te kunnen profiteren.

standaardmunten : geld, geldschepping - zijn volwaardige munten. De intrinsieke waarde is gelijk aan de nominale waarde. Tegenwoordig zijn alle munten tekenmunten, omdat de waarde niet meer door het metaalgewicht, maar door het teken dat de overheid er op heeft aangebracht wordt bepaald. De nominale waarde van tekenmunten overtreft de intrinsieke waarde.

standaardregeling : arbeidsmarkt / productie / inkomensverdeling - geheel van regels opgesteld per beroep- of bedrijfstak, en die van toepassing is op overeenkomsten die door een partij in de uitoefening van dat beroep of bedrijf gesloten is. Bijv. de standaardregeling met betrekking tot arbeidstijden.

startkapitaal : groei en conjunctuur, markten en prijzen - vaak gezocht, maar zonder juridische betekenis. Het geld dat in een startende onderneming wordt gestoken.

statutair directeur : producentengedrag - bestuurder van een besloten of naamloze vennootschap die door de algemene vergadering van aandeelhouders of commissarissen is benoemd. De ~ staat in een bijzondere vennootschappelijke verhouding tot de vennootschap en heeft specifieke in de wet geregelde rechten en plichten.

statutaire zetel : producentengedrag - de vestigingsplaats zoals die in de statuten van de vennootschap is opgenomen.

statuten van de vennootschap : producentengedrag - door de notaris opgemaakt stuk dat deel uitmaakt van de akte van oprichting en waarin de naam, zetel en het doel van de vennootschap staan.

statutenwijziging / statuten wijzigen / gewijzigde statuten : producentengedrag - veranderingen die in de statuten van een vennootschap worden opgenomen na aanvaarding daarvan door de meerderheid van uitgebrachte stemmen.

stelpost : arbeidsmarkt / productie / inkomensverdeling - een door de aannemer in de aannemingsovereenkomst opgenomen lumpsum voor een bepaald onderdeel van de bouw (bijv. de badkamer), waarvan van tevoren niet precies duidelijk is hoe het zal worden uitgevoerd. Na afloop worden de werkelijke kosten verrekend met de ~ en moet er terug- of (vaker) bijbetaald worden.

stelsel van sociale zekerheid : algemeen overheid - Het geheel van instellingen en regelingen dat erop is gericht een bepaald bestaansniveau te waarborgen (Schöndorff c.s.).

stemrecht : producentengedrag - een bij statuten aan aandeelhouder van een rechtspersoon (BV of NV) toegekend recht om voor of tegen een voorstel of besluit te mogen stemmen.

sterfhuisconstructie : markten en prijzen, groei en conjunctuur - splitsing van een onderneming in winst- en verliesgevende delen; vorm van herstructurering waarbij de relatief nog gezonde en levensvatbare onderdelen van het bedrijf worden afgesplitst of verzelfstandigd. Hiervoor wordt eventueel een nieuwe holding opgericht. De bedrijfsonderdelen die niet meer te redden zijn, blijven in de oorspronkelijke onderneming (de holding) achter, die dan het sterfhuis wordt genoemd.

steunmaatregel : overheid, internationaal - door de centrale overheid verleende, vaak eenmalige investeringssubsidie in bedrijven, waardoor hun handelspositie ten opzichte van concurrenten in het buitenland kan verbeteren. Een ~ dient daarom bij de Europese Commissie te worden aangemeld, want ~ die de concurrentie vervalsen of dreigen te vervalsen, zijn onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt, voor zover deze steun het handelsverkeer tussen de lidstaten beïnvloedt, behoudens de afwijkingen waarin het Verdrag voorziet.

steunniveau : financiële zaken - Term uit de technische analyse: een koersniveau waar in het verleden bij herhaling koersdalingen zijn gestopt. 	grafiek steunniveau	grafiek steunniveau - Zie ook: nadere verklaring technische analyse

stichting : producentengedrag - rechtspersoon zonder leden dat met behulp van een daartoe bestemd vermogen beoogt een in de statuten vermeld doel te verwezenlijken.

Stichting Garantie- en Waarborgfonds Nederland : - Waarborg met aan de GIW-regeling vergelijkbare verzekering die een particuliere opdrachtgever kan afsluiten als de aannemer niet is aangesloten bij het GIW

Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE) : financiële zaken - Voormalig toezichthouder op de effectenhandel. In tegenstelling tot de Amerikaanse Securities and Exchange Commission (SEC) was de STE geen overheidsinstelling maar een Stichting die onder Amsterdam Exchanges zelf ressorteert. De taken van de Stichting Toezicht Effectenhandel zijn per 1 maart 2002 ondergebracht bij de Autoriteit Financiële Markten.

Stichting van de Arbeid (StvdA) : algemeen overheid - Een privaatrechtelijke organisatie opgericht door de werkgevers en de vakbeweging, waarbinnen het centrale overleg over lonen en andere arbeidsvoorwaarden plaatsvindt. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel loonoverleg

stichtingenregister : producentengedrag - deel van het handelsregister (bij de plaatselijke kamer van koophandel) dat de inschrijvingen van stichtingen bevat.

stil pandrecht : pand en hypotheek - pandrecht dat is gevestigd bij authentieke of geregistreerde onderhandse akte, zonder mededeling daarvan aan de personen tegen wie dat recht kan worden uitgeoefend.

stille maatschap : groei en conjunctuur, markten en prijzen - samenwerking van bepaalde beroepsbeoefenaren die niet onder een bepaalde noemer naar buiten toe kenbaar wordt gemaakt.

stille reserve : financiële zaken - Uit de balans van de onderneming blijkt wel het bestaan maar niet de omvang van deze reserve. Gebouwen kunnen bijv. heel voorzichtig gewaardeerd zijn, dat wil zeggen ondergewaardeerd zijn. Als dat heel duidelijk is, bijv. wanneer de gebouwen voor Ç 1,- op de balans staan, dan is sprake van een stille reserve. (Schöndorff c.s.). Een stille reserve is een financieel overschot van een rechtspersoon, dat niet in de jaarrekening tot uitdrukking komt, doordat ofwel bezittingen te laag zijn gewaardeerd, ofwel verplichtingen te hoog zijn opgenomen. Het hebben van een ~ is in strijd met het recht: de jaarrekening behoort een getrouwe, duidelijke en stelselmatige weergave te zijn van de vermogenspositie van de rechtspersoon. Zie ook: onderdeel jaarverslag onderdeel geheime reserve

stille vennoot / commanditaire vennoot / sleeping partner / vennoot bij wijze van geldschieting Eng.: sleeping partner : financiële zaken - vennoot in een commanditaire vennootschap die geen daden van beheer mag verrichten of in de zaken van de vennootschap werkzaam mag zijn, en praktisch slechts als geldschieter van de vennootschap optreedt. Zie ook: tegenstelling beherend vennoot

stockdividend Eng.: stockdividend : financiële zaken - Dividend in de vorm van aandelen (Schöndorff c.s.). ~ wordt uitgekeerd ten laste van de agioreserve. Zie ook: onderdeel agioreserve tegenstelling cashdividend onderdeel dividend

storno / storneren / gestorneerd : financiëe zaken, markten - onjuiste boeking in administratie verbeteren door een tegenpost aan de andere kant; terugbetalen; verbetering van een foutieve post in de boekhouding.

storting / storten / gestort : algemeen, overheid - op of in de bodem brengen van afvalstoffen om deze daar te laten

stortingsplicht : producentengedrag - verplichting van aandeelhouders van een (naamloze of besloten) vennootschap om (evt. een deel van) het nominale bedrag van een aandeel (of evt. meer als het aandeel voor een hoger bedrag wordt genomen) te storten, zodat dat geld kan fungeren als eigen vermogen van de onderneming.

strafbankje : financiële zaken markten en prijzen - bij geconstateerde onregelmatigheden kunnen beursfondsen hangende het onderzoek (tijdelijk) uit de officiële notering worden genomen. (bron: beleggingsplein.nl)

strafdeposito : geld, bankwezen - is een extra renteloos tegoed dat een bank moet aanhouden bij DNB als men zich niet aan de kwantitatieve kredietrestrictie heeft gehouden. Dit bedrag is afhankelijk van de overschrijding van het kredietplafond. De maatregel is nu een onderdeel van de monetaire kasreserve regeling.

stroomgrootheid : algemeen, financiële zaken, consumenten en producenten - Een stroom gemeten over een bepaalde periode; bijv. een inkomen gemeten over een jaar; of het ondernemingsresultaat gemeten over een kwartaal. (Schöndorff c.s.). Een resultatenrekening bevat stroomgrootheden. Zie ook: tegenstelling voorraadgrootheid

structureel : nationaal inkomen, werkgelegenheid - een probleem is structureel als de oorzaak van het probleem bij de aanbodzijde van de economie ligt. Zie ook: onderdeel structurele werkloosheid

structureel begrotingsbeleid : algemeen overheid - Bij de begrotingsnormering wordt geen rekening gehouden met tijdelijke veranderingen in het niveau van de overheidsĦuitgaven (bijv. werkloosheidsuitkeringen) en overheidsĦontvangsten (bijv. de opbrengst van de winstbelasting) die zijn toe te schrijven aan schommelingen van de conjunctuur. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring begrotingsnormering

structureel kapitaalverkeer : internationaal - Kapitaalverkeer dat jaarlijks voorspelbaar optreedt (bijv. kapitaalverstrekking aan ontwikkelingslanden). (Schöndorff c.s.). Dit kapitaalverkeer wordt niet zo snel beïnvloed door rente en koersschommelingen (in de wereld). Zie ook: tegenstelling incidenteel kapitaalverkeer

structureel werk : arbeidsmarkt / productie / inkomensverdeling - vaak gezocht, maar zonder juridische betekenis: betaalde arbeidsplaats die blijvend is, in tegenstelling tot bijv. een stage of uitzendwerk.

structurele ontwikkeling : nationaal inkomen, werkgelegenheid - betreft een verandering in de aanbodfactoren (de productiecapaciteit). De schommeling in de trend is een voorbeeld van de structurele ontwikkeling.

structurele werkloosheid : groei en conjunctuur - Werkloosheid die bestaat of ontstaat door de structuur van de productie en de veranderingen daarin. Het gaat daarbij om frictiewerkloosheid, seizoenswerkloosheid, werkloosheid van minder geschikten, werkloosheid ten gevolge van te weinig creatie van arbeidsplaatsen, werkloosheid doordat vraag en aanbod op de arbeidsmarkt niet op elkaar aansluiten, werkloosheid doordat sommige producten niet meer gemaakt worden of doordat de productie naar het buitenland is verplaatst. In tegenstelling tot conjuncturele werkloosheid verdwijnt structurele werkloosheid niet door de bestedingen op te voeren. (Schöndorff c.s.). Naast frictiewerkloosheid kan structurele werkloosheid onderscheiden worden in kwantitatieve en in kwalitatieve structurele werkloosheid. Zie ook: onderdeel werkloosheid tegenstelling conjuncturele werkloosheid onderdeel arbeidsmarktbeleid

structuurpolitiek : collectieve sector / economische orde en politiek - is gericht op de aanbodzijde van de economie. bijv. maatregelen m.b.t. de infrastructuur en het milieubeleid etc.

structuurregime : producentengedrag - verdeling van zeggenschap binnen grote ondernemingen (structuurvennootschap).

structuurvennootschap : financiële zaken - Vennootschap waar de Raad van Commissarissen een belangrijk deel van de beslissingsbevoegdheden van de aandeelhoudersvergadering heeft overgenomen (Schöndorff c.s.). Het gaat om een vennootschap met een eigen vermogen van tenminste Euro 13 miljoen, een ondernemingsraad, ten minste 100 werknemers en een raad van commissarissen die o.a. de bestuurders van die vennootschap benoemt.

subjectieve methode : nationaal inkomen, nationale rekeningen - houdt in dat het nationaal inkomen bepaald is door middel van het optellen van alle inkomens in een land in een jaar tijd; dus de loonsom, de interestsom, de pachtsom en de winstsom.

subjectsubsidie : - Subsidie, verstrekt aan en op grond van de kenmerken van een bepaalde persoon. Voorbeeld: de individuele huursubsidie

subrogatie / subrogeren / gesubrogeerd : financiële zaken consumenten en producenten - een nieuwe schuldeiser treedt in de plaats van de vorige als hij de vordering van die laatste heeft overgenomen. Bijv. nadat een verzekeraar de schadepenningen heeft uitgekeerd vindt ~ plaats, zodat deze zich rechtstreeks tot de schuldenaar kan wenden om het uitgekeerde bedrag terug te vorderen.

subsidiariteitsbeginsel : algemeen overheid - Dit beginsel houdt in dat een hogere bestuurslaag (overheid) alleen mag (soms: moet) optreden wanneer -- gelet op grensĦoverschrijdende effecten -- handelen op het niveau van de lagere bestuurslaag (overheden) niet doelmatig is. Zijn de spill-over effecten beperkt, dan dient de autonomie van de lagere bestuurslagen te worden gerespecteerd. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring autonomie nadere verklaring spill-over effecten

subsidie : algemeen overheid - Een door de overheid verstrekte inkomens- of kapitaaloverdracht aan ondernemingen of gezinnen (Schöndorff c.s.).

Subsidie bij aankoop huurwoning / koopgewenningsbijdrage : - Vanaf 1-10-1997 kunnen mensen die een huurwoning kopen een subsidie krijgen om te wennen aan de in het begin hogere woonlasten. De woningen moeten minimaal één jaar verhuurd zijn geweest. De regeling heeft terugwerkende kracht tot 23 mei 1997 en is bedoeld voor mensen met lage en middeninkomens, die voor het eerst een huis kopen

subsidiebeschikking : algemeen overheid - beschikking van een overheidsorgaan waarin een financiëe ondersteuning (subsidie) wordt toegekend.

substitueerbare productiefactoren : consumenten en producenten - Dit zijn onderling vervangbare productiefactoren. Een bepaalde productieomvang kan met verschillende combinaties (verhoudingen) van de productiefactoren arbeid en kapitaal gerealiseerd worden. De isoquanten vormen een stelsel van hyperbolen. Zie ook: onderdeel isoquant

substituten : consumenten en producenten - Producten die elkaar, wat de consument betreft, kunnen vervangen. bijv. frisdrank A en B of appelsoort C en D of pijnstiller E en F. Door reclame proberen de producenten hun merk zo uniek te maken dat kopersvoorkeuren ontstaan. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel complementaire goederen onderdeel kruiselingse prijselasticiteit

substitutie : groei en conjunctuur - Het bij de bank omwisselen van de ene geldsoort in de andere (bijv. bankbiljetten opnemen ten laste van een giraal tegoed). (Schöndorff c.s.). De omvang van de maatschappelijke geldhoeveelheid verandert niet, maar de samenstelling wel. Hier is dan geen sprake van materiële geldschepping/vernietiging, maar wel van formele. Zie ook: onderdeel transformatie

substitutie-effect : consumentengedrag - bij een vraagcurve houdt in dat door een prijsdaling van het goed, de consument meer van het goed vraagt om andere goederen hiermee te vervangen.

substitutiegoederen : consumentengedrag - goederen die elkaar kunnen vervangen. De kruiselingse prijselasticiteit van substitutiegoederen is positief.

successierecht : algemeen overheid - Een belasting naar de waarde van alles wat wordt verkregen door het overlijden van iemand die in Nederland zijn/haar laatste woonplaats had. Het tarief wordt toegepast op het saldo van bezittingen en schulden. Het successierecht kent een dubbel progressief tarief. Ten eerste is het tarief hoger naarmate een erfgenaam een groter bedrag erft. Bovendien worden verkrijgingen door verre familie en niet-verwanten zwaarder belast dan verkrijgingen door naaste verwanten, met name de overlevende echtgenoot en de kinderen. (Schöndorff c.s.).

Successiewet (Sw) : algemeen overheid - Regelt de fiscale gevolgen bij vererving of schenking

summa summarium : financiële zaken - Latijn: Samenvatting van de som; het opstellen van de proefbalans. De som aan debetzijde van de balans moet gelijk zijn aan die van de creditzijde.