Typ hierboven uw zoekterm of scroll

© 2001-2015 Lycaeus Economisch Woordenboek - Alle rechten voorbehouden>

over- en ondermaat : groei en conjunctuur, markten en prijzen - situatie waarbij de feitelijke oppervlakte van het gehuurde groter resp. kleiner is dan hetgeen in de huurovereenkomst is bepaald.

over the counter (OTC) : financiële zaken - De OTC-markt is een markt waarop financiële waarden worden verhandeld zonder tussenkomst van een officiële beurs; vooral een telefonische markt tussen banken. (Schöndorff c.s.)

overbesteding : groei en conjunctuur - De situatie waarbij de besteders meer willen kopen dan met de gegeven capaciteit kan worden geproduceerd. Anders gezegd de macrovraag is groter dan het macroaanbod. Er doen zich allerlei spanningsverschijnselen voor: fabrikanten kunnen niet meer op tijd leveren, er zijn te weinig werknemers, er is onvoldoende krediet verkrijgbaar. De prijzen van de productiefactoren gaan omhoog: de lonen stijgen, de prijzen van grondstoffen lopen op, krediet wordt duurder. Uiteindelijk worden deze prijsstijgingen doorberekend in de prijzen van de eindproducten: er bestaat bestedingsinflatie. (Schöndorff c.s.). Een situatie van overbesteding wordt ook wel hoogconjunctuur of hausse genoemd. Zie ook: onderdeel bestedingsinflatie onderdeel macrovraag onderdeel macroaanbod

overbruggingskrediet : financiële zaken - Lening om de tijd te overbruggen tussen de aankoop van een ander huis en de verkoop van de oude woning. Daarbij wordt van de overwaarde van het oude huis gebruik gemaakt. Meestal kan een overbruggingskrediet slechts voor een beperkte periode (maximaal 6 maanden) worden afgesloten. (bron: huizenveiling. nl).

Overbruggingslijfrente : - Lijfrenteverzekering waarvoor premieaftrek mogelijk is. (bron: huizenveiling. nl) Voorwaarde is dat verzekering recht geeft op een periodieke uitkering (lijfrente) die eindigt -behoudens eerder overlijden- in het jaar waarin de verzekeringnemer 65 jaar wordt of waarin hij met pensioen gaat. (bron: huizenveiling. nl) De uitkering mag in principe niet meer bedragen dan  121. (bron: huizenveiling. nl)464,- per jaar (tarief 1999) of  123. (bron: huizenveiling. nl)529,- per jaar (tarief 2000)

overcapaciteit : producentengedrag - te grote productiecapaciteit in verhouding tot de gevraagde capaciteit.

Overdracht basisaftrek : - Als een partner geen inkomen heeft, of een inkomen dat lager ligt dan de basisaftrek, kan de basisaftrek worden overgedragen aan de (meer) verdienende partner. (bron: huizenveiling. nl) Een gedeeltelijke overdracht van de basisaftrek is niet mogelijk. (bron: huizenveiling. nl)

overdrachtsbelasting : financiële zaken, overheid - belasting die de fiscus bij de overdracht van onroerend goed, bijv. een huis, over de koopsom heft. De verkrijger van dat goed betaalt de ~.

overdrachtsuitgaven : algemeen overheid - Uitgaven van de overheid voor inkomensoverdrachten (subsidies, sociale uitkeringen). (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel overheidsbestedingen

overeenkomst van Lomé : internationale integratie en handel - is een overeenkomst van de EG en de ACP-landen. Deze overeenkomst staat belastingvrije invoer toe van de meeste producten uit de minst ontwikkelde landen.

overheid : - Hieronder wordt verstaan: het Rijk, de provincies, de gemeenten en de waterschappen. De laatste drie zijn de lagere overheden. De overheid is een deel van de collectieve sector of publieke sector. 	schema collectieve sector	schema collectieve sector - Zie ook: nadere verklaring publieke sector nadere verklaring collectieve sector

overheid in ruime zin : collectieve sector / economische orde en politiek - is het totaal van de Rijksoverheid (= overheid in enge zin) en de lagere overheden (gemeenten en provincies) plus de publiekrechtelijke organisaties (krachtens de wet PBO) zoals de bedrijfsverenigingen.

overheidsbestedingen : algemeen overheid - Betreft dat gedeelte van de overheidsuitgaven dat de overheid zelf besteed. Deze uitgaven worden ook wel de reële uitgaven genoemd, omdat het overige deel bestaat uit overdrachtsuitgaven..De overheidsbestedingen zijn te verdelen in overheidsinvesteringen en overheidsconsumptie. Zie ook: onderdeel overheidsuitgaven onderdeel overheidsinvesteringen onderdeel overheidsconsumptie

overheidsconsumptie : groei en conjunctuur - De consumptieve bestedingen van de overheid, onderscheiden in de netto materiële consumptie (waaronder ook defensieuitgaven zoals tanks en kazernes, die men eerder bij de overheidsinvesteringen zou verwachten) en de lonen en salarissen. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel overheidsbestedingen onderdeel overheidsinvesteringen

overheidsfalen : markten en prijzen - Het democratisch budgetsysteem kent bezwaren. Overheidsproductie heeft de volgende nadelen: ambtenaren hebben de neiging om risico's te vermijden, zij hebben onvoldoende informatie over de wensen van afnemers en daardoor een minder klantgerichte instelling, de weerstand tegen vernieuwingen is bij de overheid vaak groter dan in de particuliere sector, men is zich minder bewust van de kosten, de overheid is vaak monopolist, wat leidt tot hogere tarieven bij verminderd dienstbetoon. Het bureaucratisch budgetmechanisme heeft deze nadelen in versterkte mate. Bedrijven reageren niet op prijsprikkels maar moeten het van boven opgelegd plan gehoorzamen. Mensen worden niet gemotiveerd om hun best te doen. De centrale leiding moet vaak dwangmaatregelen nemen wat tot onvrije burgers leidt. De planeconomieën van het Oostblok zijn eind jaren tachtig alle ten onder gegaan. Het bureaucratisch budgetmechanisme bleek het allocatievraagstuk niet meer te kunnen oplossen. (Schöndorff c.s.) Zie ook: onderdeel budgetmechanisme onderdeel socialisme

overheidsinvesteringen : algemeen overheid - De aanschaf van kapitaalgoederen door de overheid (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel overheidsbestedingen

overheidsmonopolie : producentengedrag - is ontstaan door een overheidsmaatregel of door wet. In het laatste geval spreekt men ook wel van een wettelijk monopolie.

overheidsproductie : algemeen overheid - wordt (om praktische redenen) per definitie gelijkgesteld aan de totale salarispost van het overheidspersoneel. Immers de meeste overheidsproducten kunnen niet via de markt worden geleverd. Denk hierbij aan de zogenaamde collectieve en quasi-collectieve goederen.

overheidsschuld : algemeen overheid - De gezamenlijke schuld van het Rijk en van de lagere overheden. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel lagere overheden

overheidsschuldquote : algemeen overheid - De schuld van het rijk en de lagere overheden als percentage van het bruto binnenlands product. (Schöndorff c.s.)

overheidsuitgaven : groei en conjunctuur, overheid - Totale uitgaven van de overheid (Schöndorff c.s.). De ~ bestaan uit de overheidsbestedingen en de overdrachtsuitgaven. Zie ook: onderdeel overheidsbestedingen onderdeel overdrachtsuitgaven

overhevelingstoeslag : algemeen overheid - Compensatie die werkgevers aan hun werknemers moesten betalen om werknemers schadeloos te stellen voor het feit dat zij vanaf 1990 (Oort operatie) premieplichtig zijn voor alle volksverzekeringen. De overhevelingstoeslag is met ingang van het jaar 2001 afgeschaft. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel Oort-operatie

overlast : algemeen, overheid - ondervonden hinder.

overlegeconomie : - Typisch kenmerk van de Nederlandse economische orde, waarbij belangengroepen -- zoals werknemersorganisaties en werkgeversorganisaties -- en de overheid regelmatig overleg voeren over sociaal-economische aangelegenheden. Bijv.: de Sociaal Economische Raad (SER) waarin vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers en Kroonleden zitting hebben. Het geïnstitutionaliseerd overleg is een kenmerk van het poldermodel. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring economische orde nadere verklaring werknemersorganisaties nadere verklaring werkgeversorganisaties nadere verklaring Sociaal Economische Raad (SER)

overlegvergaderingen : groei en conjunctuur, markten en prijzen - vergaderingen tussen de ondernemer/bedrijfsleiding en de ondernemingsraad (OR), waarin de OR aangelegenheden aan de orde stelt die met de onderneming te maken hebben.

overlijdensdekking : financiële zaken consumenten en producenten - verzekering die het overlijdensrisico van de hoofdkostwinner afgedekt. Indien het risico zich voordoet, keert de verzekeraar een bedrag uit dat aangewend wordt om (een deel van) de hypotheek af te lossen.

overmaat : producentengedrag - meer grond geleverd dan is overeengekomen. Meestal is in de koopakte bepaald dat over-/ondermaat van de grond binnen bepaalde grenzen niet worden verrekend.

overname : consumenten en producenten - Is het opkopen door meestal een grote onderneming van de aandelen van een kleinere onderneming. De kleine onderneming zit hierbij in een afhankelijke positie. Vaak is de overname het gevolg van een (dreigend) faillissement, maar het kan ook het gevolg zijn van het groeibeleid van een grote onderneming. Wanneer het opkopen van de aandelen grootscheeps en in het geheim plaatsvindt, spreekt men wel van een overval. Gaan twee (of meer) ondernemingen samen op basis van gelijkwaardigheid, dan spreekt men van een fusie. Zie ook: onderdeel fusie

overnamebeding : markten en prijzen, groei en conjunctuur - een of meerder bepalingen van een overeenkomst of statuten van een vennootschap waarin voorwaarden worden gesteld om de vennootschap te kunnen overnemen.

overrente : algemeen overheid - Het verschil tussen het rendement dat een pensioenfonds realiseert op zijn beleggingen en het rentepercentage (rekenrente) dat het fonds hanteert bij de berekening van zijn toekomstige verplichtingen. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring rekenrente

oversluiten : financiële zaken - Als de dagrente flink wat lager is dan de rente waartegen een hypotheek is afgesloten, lijkt het aantrekkelijk een nieuwe hypotheek af te sluiten tegen die lagere dagrente. De meeste banken hanteren hierbij echter ongunstige boeteclausules, de zgn. 'contante waarde van het renteverschil' (bron: huizenveiling.nl).

oversluitprovisie : - Provisie die banken in rekening brengen bij het opnieuw afsluiten van een hypotheek (tegen een lagere rente). (bron: huizenveiling. nl) Als een hypotheek in een andere vorm wordt omgezet, spreekt men van omzettingskosten. (bron: huizenveiling. nl)

overspannen (arbeids)markt : groei en conjunctuur - De vraag (naar arbeid) overtreft het aanbod in sterke mate. (Schöndorff c.s.)

overstapfaciliteit : - Sommige hypotheekverstrekkers bieden de mogelijkheid om gedurende het eerste jaar of de eerste twee jaren een hypotheek met variabele rente om te zetten in een hypotheek met een rentevaste periode, of om een korte rentevaste periode om te zetten in een langere

overwaarde : - Het verschil tussen de vrije verkoopwaarde van een huis en de restschuld van de hypotheek. (bron: huizenveiling. nl) Als u geld wilt bijlenen, gaat de geldverstrekker bij de bepaling van de overwaarde niet uit van de vrije verkoopwaarde maar van de executiewaarde

pacht : algemeen - Is de beloning voor de productiefactor natuur.

Pact voor Stabiliteit en Groei : overheid, internationaal - afspraak tussen de EU-lidstaten met als doel de begrotingsdiscipline, zoals vastgelegd in het EG-verdrag, te handhaven en te versterken ten behoeve van een goed functionerende EMU. De afspraken van het ~ zijn neergelegd in secundaire EG-wetgeving en in een resolutie van de Europese Raad. (bron: DNB)

pand : pand en hypotheek - beperkt zekerheidsrecht dat ertoe strekt om op de daaraan onderworpen niet-registergoederen een vordering tot voldoening van een geldsom bij voorrang boven andere schuldeisers te verhalen. Bijv. een duur horloge aan de schuldeiser in ~ geven.

pand- en hypotheekrecht : pand en hypotheek - rechtsgebied uit vooral boek 3 Burgerlijk Wetboek, m.b.t. de vestiging van beperkte rechten (pand en hypotheek) op zaken, bescherming van derden en de (executie)bevoegdheden van pand- en hypotheekhouder. Het ~ is een subgebied van het zakenrecht.

pandakte : pand en hypotheek - schriftelijk stuk waarbij een pandrecht gevestigd wordt.

pandbrief : financiële zaken - Schuldbewijs van een hypotheekbank. (Schöndorff c.s.)

pandgever : pand en hypotheek - schuldenaar die zijn roerende zaak, toonder- of orderpapier in de macht van zijn schuldeiser (de pandhouder) brengt en hem daardoor zekerheid biedt.

pandhouder : pand en hypotheek - schuldeiser die roerende zaken, toonder- of orderpapieren van de pandgever in zijn macht heeft en daardoor zekerheid verkrijgt.

pandlijst : pand en hypotheek - gespecificeerde opgave, behorend bij een verpandingsakte, met daarin de verpande goederen waarop een vordering rust. De vordering hoeft dan niet in de verpandingsakte zelf te staan.

pandrecht : pand en hypotheek - beperkt zekerheidsrecht dat ontstaat doordat de schuldenaar (enkele van) zijn eigendommen, niet zijnde huis of grond, in de macht van de schuldeiser brengt zodat die, in geval de schuldenaar in verzuim is, bij voorrang boven andere schuldeisers zijn vordering op het verpande eigendom kan verhalen.

pandrecht op aandelen : producentengedrag - tenzij de statuten van de besloten vennootschap anders bepalen kan ~ worden gevestigd. Daardoor kan de pandhouder zijn vordering bij voorrang op die aandelen verhalen.

pandrecht op vordering : pand en hypotheek - ~ kan worden gevestigd, waardoor de pandhouder zijn vordering op de pandgever bij voorrang op de verpande vordering verhalen.

pandstelling / verpanding / verpanden / verpand : pand en hypotheek - Het geven van een pandrecht door een pandgever aan een pandhouder.

papierenstandaard : geld, geldschepping - er is geen relatie meer tussen de munteenheid en een hoeveelheid goud. In feite is er geen dekking meer. Men spreekt ook wel van een non-metallieke standaard.

parallelimport : consumenten en producenten - Onofficiële import; invoer van waren door een importeur die daartoe niet door de fabrikant is aangewezen. Waren die via ~ worden geïmporteerd zijn meestal goedkoper dan de waren die via het reguliere kanaal zijn ingevoerd. In de EU geldt dat ~ is toegestaan als het artikel door de fabrikant zelf binnen de EU op de markt is gebracht.

parallellisatie : algemeen - Het samenvoegen van geledingen die zich op hetzelfde niveau in verschillende bedrijfskolommen bevinden. bijv.: een producent van vleesconserven besluit ook groentenconserven voort te brengen. Een reden voor parallellisatie kan zijn dat de bestaande gespecialiseerde know how toepasbaar is op andere producten (zoals in het gegeven voorbeeld). Parallellisatie komt ook voor in gevallen waar een seizoenscomponent bestaat in de vraag naar het product (strandhotels bieden zich in de wintermaanden aan als conferentieoorden) of in het aanbod van grondstoffen (schaatsfabrikanten die daarnaast speelgoed produceren) (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel integratie onderdeel bedrijfskolom onderdeel differentiatie tegenstelling specialisatie

parallelmarkt : financiële zaken - De ~ biedt een markt voor aandelen van ondernemingen, die niet aan de vereisten van de Vereniging voor de Effectenhandel voldoen. Om toch te kunnen worden verhandeld gelden op de parallelmarkt minder strenge toelatingseisen. Kleine en vaak nog jonge bedrijven hebben zo toch de mogelijkheid om aandelenvermogen aan te trekken.

parate executie : pand en hypotheek - zonder rechterlijk vonnis een vordering op de goederen van de schuldenaar innen door die goederen te verkopen. Bijv. de pandhouder heeft het recht op ~ als de schuldenaar in verzuim is met de voldoening van hetgeen waarvoor het pand tot waarborg strekt.

Pareto, Vilfredo : algemeen - (1848-1923). Italiaan die vanuit zijn oorspronkelijk beroep als ingenieur veel wiskundige bagage meebracht toen hij zich voor economische vraagstukken begon te interesseren. In zijn Cours dĘéconomie politique (1896) geeft hij een wiskundige verhandeling van de algemeen-evenwichtstheorie. De publicatie van zijn Manuale de economia politica (1906) kan worden gezien als het startpunt van de moderne welvaartstheorie. (Schöndorff c.s.) Zie ook: onderdeel optimale allocatie

Pareto-optimum : algemeen markten en prijzen - Optimale allocatie. Zie ook: nadere verklaring optimale allocatie

pari : financiële zaken - A pari betekent letterlijk: van dezelfde waarde. Bij de handel in effecten wordt de nominale waarde bedoeld. Als bijv. obligaties à pari worden uitgegeven dan hebben zij een uitgifte- of emissiekoers van 100. (Schöndorff c.s.)

pariteit : internationaal - Spilkoers: vastgestelde koersverhouding tussen valuta's binnen een systeem van stabiele wisselkoersen. (Schöndorff c.s.) Zie ook: onderdeel bandbreedte

partiële (prijs)indexcijfer : nationaal inkomen, nationale rekeningen - is het indexcijfer van één product of van een groep producten. Het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie is opgebouwd uit verschillende partiële indexcijfers.

participanten Eng.: stakeholders : groei en conjunctuur - De participanten van een onderneming zijn de ondernemingsleiding, de werknemers, de aandeelhouders, de banken, de leveranciers, de afnemers en de overheid. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring stakeholders

participatiegraad : groei en conjunctuur - De beroepsbevolking als percentage van de totale bevolking. Tot de beroepsbevolking rekent het CBS alle personen van 15 tot 65 jaar die ten minste 12 uur per week werken of zouden willen werken (dus werkzoekend zijn). (Schöndorff c.s.). De participatiegraad is o.a. afhankelijk van de duur van de scholing (van jongeren), de mogelijkheid van flexibele pensionering en VUT-regelingen, het rollenpatroon / tweeverdienerschap, en de keuringseisen voor de WAO.

participatiemaatschappij : financiële zaken - Onderneming die zich toelegt op het verstrekken van financiering aan vennootschappen die door hun te geringe omvang niet in staat zijn zelf als vrager op de openbare kapitaalmarkt op te treden. (Schöndorff c.s.)

particuliere sector : markten en prijzen - Is hetzelfde als de marktsector. Het wordt gevormd door de gezinnen en hun organisaties en de particuliere bedrijven (ondernemingen). Als coördinatie mechanisme is overwegend het prijs- en marktmechanisme. Zie ook: onderdeel collectieve sector

particuliere ziektekostenverzekering : algemeen overheid - Biedt dekking tegen ziektekosten voor mensen die niet (verplicht) verzekerd zijn krachtens de ziekenfondsverzekering. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring ziekenfondsverzekering

partner : financiële zaken - Een vennoot of maat.

partnerconstructie : financiële zaken - De langstlevende partner is begunstigde van de uitkering uit de levensverzekering.

partnerschap : financiële zaken, overheid - echtgenoot of echtgenote of persoon met wie men samenleeft. De Wet Inkomstenbelasting 2001 hanteert een ruime definitie van partnerschap. Een ~ is een niet-duurzaam van echt gescheiden levende echtgenoot, een niet-duurzaam gescheiden levende geregistreerde partner en, onder bepaalde voorwaarden, een niet-geregistreerde ongehuwd samenlevende.

pasmunten : algemeen overheid - ~ zijn onvolwaardige munten die wettig betaalmiddel zijn tot een beperkt bedrag. Alle Nederlandse munten zijn pasmunten ofwel tekenmunten. Zie ook: onderdeel tekenmunten

passagebiljet : groei en conjunctuur, consumenten en producenten - vervoerder is verplicht terzake personenvervoer om in het geval van afgifte van een biljet dat strekt tot doorgang, om hierop duidelijk zijn naam en woonplaats kenbaar te maken.

passende arbeid : groei en conjunctuur - Het werk dat een werkloze zal moeten accepteren als vervanging van zijn vroegere baan, wil hij/zij niet zijn/haar uitkering verliezen. (Schöndorff c.s.)

passiva Eng.: liabilities : financiële zaken - Latijn: De bronnen waarmee de activa gefinancierd zijn. Dit kan vreemd vermogen (schulden) en eigen vermogen (eigen bezit) zijn. Heeft betrekking op de rechterzijde van de balans.
De term hoort onlosmakelijk bij de activa: de activa is waar een bedrijf haar vermogen in steekt, de passiva duidt op de herkomst van datzelfde vermogen. Zie ook: tegenstelling activa