Typ hierboven uw zoekterm of scroll

© 2001-2015 Lycaeus Economisch Woordenboek - Alle rechten voorbehouden>

detachering / detacheren / gedetacheerd : arbeidsmarkt / productie / inkomensverdeling - loondienst elders vervullen dan bij de werkgever zelf. Bijv. in Europees verband is verordonneerd dat bij ~ langer dan een jaar de wetgeving geldt van de lidstaat waar de werkzaamheden feitelijk worden verricht. In tegenstelling tot de uitzendkracht is de gedetacheerde werknemer in dienst bij de uitlener die hem voor een bepaalde periode detacheert bij een bepaald bedrijf (de inlener) voor de uitvoering van een opdracht.

Deutsche Aktien Index (DAX) : financiële zaken - Duits: Duitse Aandelenindex. Een (gewogen) gemiddelde Index van de 30 belangrijkste Duitse aandelen, welke in Frankfurt verhandeld worden. (Zoals de AEX in Nederland)

devaluatie : internationaal - Verlaging van de spilkoers van een valuta in een stelsel van stabiele wisselkoersen. Van een devaluatie wordt gesproken wanneer geen formele spilkoers bestaat, maar een informele koppeling van een munt aan een andere valuta (Schöndorff c.s.). Bij langdurige betalingsbalanstekorten zal een land genoodzaakt zijn de valuta te devalueren (als andere maatregelen niet meer helpen). Bij devaluatie wordt voor het land de invoer duurder, en voor het buitenland wordt de export van het land goedkoper. Hierdoor zal door de toegenomen export en de afgenomen import (meestal) het betalingsbalanstekort afnemen. Zie ook: tegenstelling revaluatie onderdeel appreciatie onderdeel depreciatie

deviezen : internationaal - Buitenlands geld. Tot de deviezen worden ook gerekend alle onmiddellijk opeisbare tegoeden die luiden in vreemde valuta. (Schöndorff c.s.).

deviezenswaps : overheid, internationaal - gelijktijdige contante en termijntransacties, waarbij een valuta tegen een andere valuta worden verhandeld. Het ESCB zal open-markttransacties uitvoeren in de vorm van ~ waarbij door de NCB's (of de ECB) contante aankopen (of verkopen) van euro tegen een vreemde valuta worden verricht onder gelijktijdige verkoop (of aankoop op termijn). (bron: DNB)

deviezenvoorschriften : internationale economische betrekkingen / integratie - zijn voorschriften om te voorkomen dat er te veel. deviezen uit een land wegvloeien.

dienst Eng.: service : algemeen - ~ zijn niet tastbare zaken.Het kenmerkend verschil tussen een concreet goed en een dienst is dat een dienst niet op voorraad geproduceerd kan worden.

dienstenbalans : internationale economische betrekkingen / integratie - deelbalans van de betalingsbalans waarop de ontvangsten en uitgaven van de diensten worden vermeld. Voorbeelden van diensten zijn het transportverkeer, toerisme en het doen van allerlei werkzaamheden (projecten) zoals het bouwen/ aanleggen van bruggen, dijken, havens, vliegvelden etc. in het buitenland.

dienstenrekening : internationaal - Deelrekening van de betalingsbalans waarop de waarde van de diensten in- en uitvoer wordt vermeld (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel betalingsbalans onderdeel lopende rekening

dienstjarenbeginsel : algemeen overheid - Verhogingen van de pensioengrondslag werken uitsluitend door voor de in de pensioenregeling doorgebrachte deelnemersjaren. (Schöndorff c.s.)

dienstmerk : internationale integratie en handel - benamingen, tekeningen, afdrukken, stempels, letters, cijfers en alle andere tekens die dienen om de diensten van een onderneming te kunnen onderscheiden.

dienstwoning : arbeidsmarkt / productie / inkomensverdeling - woning die door de werkgever aan de werknemer ter bewoning in gebruik is gegeven. Die bewoning moet verband houden met de te verrichten arbeid en eindigt zodra aan de arbeidsovereenkomst is beëindigd. Bijv. de ~ van de conciërge.

diepte-investering : financiële zaken, consumenten en producenten - Hierbij gaat het om de aanschaf van kapitaalgoederen die door de toepassing van nieuwe technieken met minder mensen toekunnen. Het gaat dus om arbeidsbesparende investeringen. Een diepte-investering vergroot de arbeidsproductiviteit (de productie per werknemer per tijdseenheid). Een voorbeeld: In de startsituatie produceren 4 mensen in een uur met een machine 100 eenheden product. Vervolgens komt er naast deze machine een modernere, die in een uur 100 eenheden produceert met 2 mensen. In de startsituatie was de arbeidsproductiviteit 100 eenheden per uur / 4 mensen = 25 eenheden per mens per uur. Na de diepte-investering 200 eenheden per uur / 6 mensen = 33,3 eenheden per uur. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel investering tegenstelling breedte-investering

differentiatie : consumenten en producenten - Het ontstaan van een nieuwe geleding binnen een bedrijfskolom. bijv.: een bedrijf dat tot dusver direct aan zijn afnemers levert, schakelt in het vervolg een grossier in. Staat tegenover integratie (Schöndorff c.s.). Zie ook: tegenstelling integratie onderdeel bedrijfskolom onderdeel parallellisatie onderdeel specialisatie

dilemma van de twee gevangenen Eng.: prisoner's dilemma : algemeen overheid - Zie: PrisonerÆs dilemma (Schöndorff c.s.).

directe belastingen : algemeen overheid - 1. (economisch) Belastingen waarvan de overheid aannam dat zij niet via hogere prijzen aan anderen in rekening (kunnen) worden gebracht, zoals de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting. In de praktijk vindt ook bij deze belastingen afwenteling plaats. Doordat ondernemingen hun prijzen extra verhogen, of werknemersorganisaties de looneisen extra opschroeven, slagen deze partijen er vaak in een deel van de winst- en inkomstenbelasting door te schuiven naar andere deelnemers aan het economisch verkeer. Tegenhanger zijn indirecte belastingen, zoals BTW en accijnzen. De overheid nam aan dat deze via hogere prijzen aan afnemers in rekening kunnen worden gebracht. Dit is echter afhankelijk van de marktverhoudingen. Het onderscheid tussen directe en indirecte belastingen is daarom in onbruik geraakt. 2. (juridisch) Belastingen die in de desbetreffende heffingswet als ædirectÆ worden aangeduid. (Schöndorff c.s.). Zie ook: tegenstelling indirecte belastingen

directe investeringen : internationaal - Investeringen waarbij de ingezetenen van een land kapitaal verschaffen aan het buitenland met het doel directe invloed te krijgen op de productie en/of distributie van goederen en diensten in dat land. Het kan hierbij gaan om overnames van bestaande buitenlandse ondernemingen, het stichten van nieuwe vestigingen en om internationale kapitaalstromen binnen een concern. (Schöndorff c.s.)

directe kredietcontrole : financiële zaken groei en conjunctuur - Voorschriften die een centrale bank aan de particuliere banken kan opleggen om hun (geldscheppende) kredietverlening te beperken. (Schöndorff c.s.)

directe ruil Eng.: barter : algemeen, consumenten en producenten - Ruil van goed tegen goed. Wordt ook wel barter genoemd. In een primitieve economie, waar geld nog niet wordt gebruikt, ruilen mensen goederen tegen elkaar. Bezwaren hiervan zijn: de bederfelijkheid van sommige goederen en de noodzaak een tegenpartij te vinden die juist het goed bezit dat de initiatiefnemer wil afnemen en die juist behoefte heeft aan het goed dat de initiatiefnemer aanbiedt. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel ruil tegenstelling indirecte ruil onderdeel functies van geld

disagio : financiële zaken - Nadelig verschil tussen termijnkoers en contante koers of tussen beurskoers en conversiekoers. Kan ook nadelig verschil zijn tussen nominale waarde (van aandeel of obligatie) en plaatsingskoers (emissiekoers) (Schöndorff c.s.) Zie ook: tegenstelling agio

disconto : groei en conjunctuur, internationaal - Populaire naam voor de officiële rente (waartegen de particuliere banken krediet kunnen opnemen) van de centrale bank. In Euroland is de vakterm: basisherfinancieringsrente, reporente of refirente. (Schöndorff c.s.).

discontopolitiek : groei en conjunctuur - Beleid waarbij de centrale bank de rentetarieven die de particuliere banken hanteren bij hun kredietverlening, beïnvloedt door de officiële bankrente (het disconto), waartegen die particuliere banken kortlopend krediet kunnen opnemen bij de centrale bank, te verhogen of te verlagen. (Schöndorff c.s.).

discouraged workers effect : groei en conjunctuur - Engels: ontmoedigingseffect. Mensen stellen zich niet voor de arbeidsmarkt beschikbaar, omdat er onvoldoende werk is, of in ieder geval onvoldoende werk waarop zij een kans maken. Door het ~ worden de werkloosheidscijfers onderschat. Het omgekeerde is het aanzuigeffect. Zie ook: aanzuigeffect

discretionair inkomen : consumentengedrag - is dat deel van het inkomen dat nog vrij te besteden is (voor nieuwe aanwendingsrichtingen).

distributie / distribueren / gedistribueerd : consumenten en producenten - leveren van (nuts)goederen zoals elektriciteit, gas en warmte.

distributiegoederen : algemeen overheid - goederen die in tijden van nood en in het belang van de volkshuishouding, landsverdediging en veiligheid doelmatig onder de bevolking worden verdeeld. Het doelmatigheidsvereiste betekent niet dat de ~ rechtvaardig worden verdeeld.

Distributiewet 1939 : algemeen overheid - Wet van 24 juni 1939, houdende regelen teneinde in geval van oorlog, oorlogsgevaar of andere buitengewone omstandigheden een doelmatige distributie van goederen in het belang van volkshuishouding, landsverdediging en veiligheid van niet-militaire personen of lichamen mogelijk te maken.

dividend : financiële zaken - Het bedrag dat de aandeelhouder ontvangt uit de jaarwinst (of reserves) van de onderneming. De meeste Nederlandse ondernemingen keren eenmaal per jaar dividend uit. Soms wordt het dividend niet in geld, maar in aandelen van de onderneming uitbetaald. Dit heet stockdividend. Tussentijds uitgekeerd dividend wordt interim-dividend genoemd. (Schöndorff c.s.). onderdeel stockdividend onderdeel interim-dividend onderdeel cashdividend onderdeel slotdividend

dividendbelasting Eng.: dividendtax : algemeen overheid - Bronbelasting op aan aandeelhouders in de vorm van dividend uitgekeerde winst. Het tarief van de dividendbelasting is 25%. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel bronheffing

dividendrendement : financiële zaken - Het dividendbedrag uitgedrukt in de koers van het aandeel. Het dividendrendement laat zien welk percentage het uitgekeerde dividend is van de koers van het aandeel. Voor beleggers die vooral geïnteresseerd zijn in het halen van inkomen uit hun vermogen is een hoog dividendrendement aantrekkelijk. Beleggers die uit zijn op koerswinst zullen zich minder druk maken om een hoog dividendrendement. Groeiende ondernemingen met een zonnig toekomstperspectief kunnen daarom volstaan met een relatief lage dividenduitkering. (Schöndorff c.s.)

dividendvrijstelling : algemeen overheid - Vrijstelling van de inkomstenbelasting van een deel van de dividendinkomsten. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring inkomstenbelasting

dochtermaatschappij : producentengedrag - een maatschappij is een dochtermaatschappij van een andere rechtspersoon, als die andere rechtspersoon (de moeder) meer dan de helft van de stemrechten in de algemene vergadering kan uitoefenen, of als de moeder meer dan de helft van de bestuurders of commissarissen kan benoemen of ontslaan.

dode punt : producentengedrag - is het break-even-point.

doelgroep : algemeen - onderdeel van bijv. de Nederlandse samenleving waarop (bedrijfs)activiteiten zijn gericht. Bijv. een aantal telecombedrijven richt zich op het jeugdig publiek tot 22 jaar.

doelmatigheidsbeginsel : collectieve sector / economische orde en politiek - betreft de uitvoering van de belastingheffing. De belastingen moeten zodanig zijn, dat de opbrengsten zo gunstig mogelijk zijn. Men kan dit beginsel ook weer verder verdelen in twee andere beginselen, het welvaartsbeginsel en de beginselen van de minste pijn.

doeloverschrijding : producentengedrag - als een rechtspersoon een rechtshandeling verricht en daarbij zijn doel overschrijdt, dan kan de rechtspersoon deze rechtshandeling laten vernietigen, indien de wederpartij wist of zou moeten weten dat het doel overschreden werd.

doelstelling van de onderneming : consumenten en producenten - De situatie die de onderneming probeert te bereiken door haar marktgedrag. Er bestaat nog veel onduidelijkheid over de drijfveren die ondernemers in werkelijkheid bewegen. Gaat het ze om de winst, of is deze alleen een voorwaarde voor de continuïteit van de onderneming? Gaat het om een zo groot mogelijk marktaandeel, of is dat niet meer dan een tussenstap naar waar het in feite om draait: macht en aanzien voor het (top)management? Dit zijn twee voor economen slecht hanteerbare begrippen. Zij maken over doelstellingen van het ondernemingsbeleid verschillende veronderstellingen. Een onderneming kan bijv. streven naar een maximale totale winst, een zo sterk mogelijke groei van het marktaandeel of een zo groot mogelijke totale opbrengst. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring marktgedrag nadere verklaring marktaandeel

doelstellingen van economische politiek : collectieve sector / economische orde en politiek - zijn de doelen die de overheid met haar beleid nastreeft. De zes algemeen aanvaarde doelstellingen van economische politiek zijn: een evenwichtige arbeidsmarkt, een stabiel prijspeil, een rechtvaardige inkomensverdeling, een evenwichtige betalingsbalans, een evenwichtige economische groei, en een goed leefbaar milieu.

doelvariabele : internationale integratie en handel - is de grootheid in een model die doormiddel van de instrumentvariabele wil beïnvloeden.

domeinnaam : internationale integratie en handel - in letters of cijfers weergegeven internetadres. Bijv. juridischwoordenboek.nl.

domiciliëring / domiciliëren / gedomicilieerd : groei en conjunctuur, markten en prijzen - het op een bepaalde plaats betaalbaar stellen van een wissel.

donorland : internationale economische betrekkingen / integratie - is een land dat hulp biedt aan de ontwikkelingslanden.

doorrollen : financiële zaken - Het doorrollen van een optiepositie betekent een sluitingstransactie in een kortlopende optie en een openingstransactie in een langer lopende optie. Gebeurt vaak vlak vóór expiratie en is dan bedoeld om een bestaande positie langer aan te houden. (Schöndorff c.s.)

doorsijpelprincipe : algemeen - verschijnsel dat de vruchten van de productiegroei in ontwikkelingslanden uiteindelijk ook ten goede zullen komen aan de grote (arme) massa. (bron: nrc.nl)

doorzichtigheid : producentengedrag - van een markt wordt bepaald door de mate dat de marktpartijen (vragers en aanbieders) gemakkelijk aan informatie kunnen komen (of geïnformeerd zijn) over het product. De markt kan bijv. ondoorzichtig zijn als er bij de prijs aanduiding verschillende eenheden worden gebruikt, of er een onduidelijke prijs- kwaliteitsverhouding is (als gevolg weer van productdifferentiatie.

dossiernummer Kamer van Koophandel (KvK-nummer) : groei en conjunctuur, markten en prijzen - nummer waaronder een onderneming bij de Kamer van Koophandel is geregistreerd.

dotcom : algemeen - Engels: Com staat voor commercial; met een ~ wordt een bedrijf bedoeld dat het merendeel van haar inkomsten via internet behaalt. De naam stamt uit de beginjaren van het internet, waar met name technologiebedrijven hierop actief waren. Zie ook: nadere verklaring e-business nadere verklaring e-commerce

douanerechten : internationaal - de belastingen die de douane heft bij in- of uitvoer van bepaalde producten.

douane-unie : internationaal - Vorm van economische integratie waarbij de onderlinge handelsbelemmeringen tussen een groep landen zijn afgeschaft en waarbij de landen een gemeenschappelijk buitentarief hebben. bijv. de Benelux (België, Nederland en Luxemburg). De douane-unie gaat verder dan een vrijhandelsgebied, maar minder ver dan een economische unie. (Schöndorff c.s.). Zie ook: onderdeel vrijhandelsgebied onderdeel economische unie

Dow Jones Index (DJI) Eng.: Dow Jones index : financiële zaken - Index die het koersgemiddelde aangeeft van de 30 belangrijkste industriële aandelen op Wall Street (New York). In 1884 begonnen Charles H. Dow en Edward Jones in Amerika met de berekening van wat later de Dow Jones Averages ging heten. De belangrijkste daarvan is de Dow Jones Industrial Average (DJIA), kortweg de Dow genoemd. Als wordt gezegd dat de Dow Jones is gedaald of gestegen wordt meestal deze DJIA bedoeld. (Schöndorff c.s.).

draagkrachtbeginsel : algemeen overheid - Iedere belastingplichtige dient naar vermogen bij te dragen aan de financiering van door de overheid tot stand gebrachte collectieve voorzieningen, door een gelijk æofferÆ te brengen. Het beginsel berust op de gedachte dat de belastingdruk zo over individuen moet worden verdeeld dat de draagkrachtverhoudingen voor en na belastingheffing gelijk zijn. In de praktijk is draagkracht een bijzonder moeilijk te hanteren begrip. Indien draagkracht wordt gedefinieerd als het inkomen boven het bedrag dat minimaal nodig is om te voorzien in de meest elementaire levensbehoeften, rechtvaardigt het draagkrachtbeginsel een zwak progressieve tariefstructuur (Bentham-progressie). (Schöndorff c.s.). Ook wordt vaak verwezen naar de theorie van het gelijke nutsoffer, welke gebaseerd is op de eerste wet van Gossen. Zie ook: onderdeel Bentham-progressie onderdeel progressief belastingtarief

drempelgoed : consumentengedrag - goederen die pas bij (vanaf) een bepaald inkomen worden aangeschaft.

drempelinkomen : consumentengedrag - inkomen vanaf welke bepaalde goederen worden aangeschaft. Goederen die een drempelinkomen hebben zijn luxe goederen, omdat bij stijging van het inkomen de consumptie van het goed meer dan evenredig toeneemt.

drempelprijs : financiële zaken, overheid - De prijs die geldt voor de invoer van bepaalde producten. Ligt de prijs onder de drempelprijs, dan moet de importeur invoerheffing betalen

duale inkomstenbelasting : algemeen overheid - Een inkomstenbelasting waarbij inkomsten uit vermogen (rente, dividend, huur) worden belast tegen een gematigd proportioneel tarief, terwijl de overige inkomsten (salaris, winst uit onderneming) worden belast tegen een progressief tarief met in het algemeen hogere percentages. In het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw hebben de Noord-Europese landen een duale inkomstenbelasting ingevoerd. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring inkomstenbelasting nadere verklaring proportioneel tarief nadere verklaring progressief tarief

dualisme : financiële zaken markten en prijzen - opvatting dat een balans zowel winst- als vermogensbepalend kan zijn.

dubbele belasting : financiële zaken, overheid - twee keer belasting over hetzelfde inkomens- of vermogensbestanddeel. ~ komt voor bij belastingplichtigen die internationaal opereren. Er zijn verschillende maatregelen genomen om dubbele belasting tegen te gaan, bijv. door belastingverdragen te sluiten.

dubbele verzekering : financiële zaken consumenten en producenten - er mag geen tweede verzekering afgesloten worden voor dezelfde tijd en dezelfde voorwerpen, als deze reeds voor de volle waarde verzekerd zijn - gebeurt dat toch, dan is de tweede verzekering nietig.

dubieuze debiteuren : financiële zaken consumenten en producenten - schuldenaren die waarschijnlijk niet aan hun (betalings)verplichtingen zullen voldoen. ~ worden meestal in de boekhouding afgeschreven.

due diligenceonderzoek : financiële zaken consumenten en producenten - Een onderzoek naar de feitelijke toestand waarin een onderneming verkeert, dat veel verder gaat dan wat uit de gepubliceerde gegevens kan worden opgemaakt. Een dergelijk onderzoek speelt een rol bij deelname in een onderneming en bij de fusie met of de overname van een onderneming. (Schöndorff c.s.)

Duisenberg, Willem Frederik : groei en conjunctuur internationaal - (Heerenveen 9 juli 1935) Nederlands econoom en politicus. Studeerde economie in Groningen en promoveerde in 1965 op het proefschrift Economische gevolgen van ontwapening. Van 1966 tot 1969 werkzaam bij de staf van het Internationaal Monetair Fonds in Washington. In 1969 adviseur van de directie van de Nederlandsche Bank. Van 1970 tot 1973 hoogleraar macro-economie aan de Universiteit van Amsterdam. Van 1973 tot 1977 minister van Financiën in het kabinet -Den Uyl. Van 1978 tot 1981 lid van de Raad van Bestuur Rabobank. In 1981 werd hij lid van de directie en van 1982 tot 1997 was hij President van de Nederlandsche Bank. Op 1 juli 1997 werd hij President van het Europees Monetair Instituut, voorloper van de Europese Centrale Bank (ECB), waarvan hij pe1 januari 1999 President werd. Evenals zijn Amerikaanse collega van de Fed Alan Greenspan tracht hij een zo doorzichtig en voorspelbaar mogelijk beleid te voeren door in zijn publieke uitingen voorafgaand aan een vergadering van de ECB in voorzichtige bewoordingen vooruit te lopen op te nemen maatregelen. Wel management by speech genoemd. (Schöndorff c.s.) Zie ook: nadere verklaring Europese Centrale Bank (ECB) nadere verklaring Fed nadere verklaring Alan Greenspan

dumping : internationaal - Het onder de kostprijs verkopen van producten op buitenlandse markten. (Schöndorff c.s.).

Duopolie : consumenten en producenten markten en prijzen - Marktvorm van het oligopolie waarbij slechts twee aanbieders zijn. Zie ook: onderdeel oligopolie

duplicaat van aandeel aan toonder : groei en conjunctuur, markten en prijzen - het stuk dat afgegeven wordt ter vervanging van een verloren of vernietigd aandeel aan toonder in een naamloze vennootschap

Dutch Treasury Certificates : algemeen overheid - Engels: Lening, door de minister van Financiën uitgegeven, met een korte looptijd (max 2 jaar) die wordt geplaatst bij banken en institutionele beleggers. Zie ook: nadere verklaring institutionele beleggers

duurzame consumptiegoederen : algemeen, consumenten en producenten - Goederen en diensten die meer dan één keer gebruikt kunnen worden. Zoals een wandmeubel, fornuis, auto, verzekering, abonnement op een krant. (Schöndorff c.s.). Zie ook: tegenstelling niet-duurzame consumptiegoederen tegenstelling verbruiksgoederen

duurzame economie : collectieve sector / economische orde en politiek - Een economie waarin groei, versterking van de concurrentiekracht en een toename van de werkgelegenheid worden gecombineerd met een beter beheer van ruimte, natuur en een vermindering van de milieudruk.

duurzame groei Eng.: sustainable growth : groei en conjunctuur - Van duurzame groei, duurzame ontwikkeling of 'sustainable growth' is sprake wanneer de behoeftebevrediging van de huidige generatie die van toekomstige generaties niet in gevaar brengt. Bedoeld wordt dat nu niet een zodanige roofbouw wordt gepleegd op het milieu (overbevissing, kappen van wouden, schade aan de ozonlaag, broeikaseffect) dat latere generaties met de brokken zitten. De term is ontleend aan het in 1987 gepubliceerde Bruntlandt rapport 'Our common future'. (Schöndorff c.s.). Zie ook: tegenstelling economische groei

earned income tax credit (EITC) : collectieve sector / economische orde en politiek - USA: een belastingvoordeel (via een teruggave), met name in de Verenigde Staten, die alleen geldt voor werkenden. Een EITC kan zodanig worden ingesteld dat vooral de laag betaalde werkenden, en dan met name de gezinnen met kinderen, hiervan profiteren.

earnings before interest and taxes (EBIT) : financiële zaken - Engels: lett: winsten vöör interest en belastingen. Financieel kengetal dat gebruikt wordt wanneer de aanduiding 'winst' niet meer specifiek genoeg is. Vergelijkbare kengetallen zijn de EBITDA (Earnings Before Interest, Tax, Depreciation and Amortization) en de EBT (Earning Before Taxes).

e-business : consumenten en producenten - Engels: Staat voor bedrijfsvoering langs elektronische weg. E-business is een ruimer begrip voor de inzet van internet dan e-commerce, hoewel door sommigen de termen aan elkaar gelijk worden gesteld. Waar e-commerce zich richt op de koop en verkoop van producten en onderdelen via internet, gaat e-business veel verder, door ook (delen van) de gehele bedrijfsvoering electronisch te regelen. Te denken valt aan inzage in voorraadsituaties, productspecificaties, loon- en urenadministratie etc. Zie ook: nadere verklaring bedrijfskolom nadere verklaring e-commerce nadere verklaring just in time

ECB rentevoeten : financiële zaken markten en prijzen - rentetarieven die worden toegepast op de permanente faciliteiten: de marginale beleningsfaciliteit en de depositofaciliteit en op de wekelijks uitgevoerde basisherfinancieringstransacties met een looptijd van twee weken. (bron: DNB)